IHC wil vleugels uitslaan over de wereld...

Eén van de laatste scheepswerven op eigen bodem blijft in Hollandse handen. Maar voor IHC Merwede ligt de toekomst vooral buíten Nederland.

Nederland, Hardinxveld-Giessendam, 22-9-2006 Tewaterlating en doop door staatssecretaris van economische zaken Van Gennip van het schip de Seven Oceans. Het grootste schip dat Merwede Shipyard ooit heeft gebouwd. Het schip is ontworpen voor pijpleggen en offshore constructiewerk en is geschilt voor wereldwijde operatie. Gebouwd in opdracht van Subsea 7, een van s werelds leidende onderwaterbouwkundige aannemers. Lengte 157,10 meter. Bemanning 120 personen. Merwede Shipyard is onderdeel van IHC Holland Merwede BV en is gespecialiseerd in het onterpen en bouwen van maatwerkschepen met een hoog technologisch gehalte Foto Maarten Hartman Maarten Hartman

En jawel. Daar was hij weer. Die combinatie van vaderlandse trots en angst voor de Chinezen. Na jaren van gesteggel over de eigendomsstructuur kwam er deze week eindelijk duidelijkheid voor scheepswerf IHC Merwede in Sliedrecht. De Rotterdamse miljardair Cees de Bruin heeft zijn belang in het bedrijf uitgebreid van 18 naar 62 procent. Daarmee verwerft hij de controle over IHC Merwede en gaat een oude wens van de investeringsmagnaat in vervulling. De Bruin begon ooit zelf zijn carrière bij een voorloper van de scheepbouwer en wil voor lange termijn participeren.

Opluchting was er deze week ook bij twee belangrijke Nederlandse klanten van de scheepswerf. Baggerbedrijven Boskalis en Van Oord zeiden tegenover het Financieele Dagblad dat met de transactie het gevaar van een Chinese overname geweken is.

De voorkeur van het management van IHC Merwede ging lange tijd uit naar een meerderheidsaandeelhouder van buiten. „Pas later werden de ambities van de heer De Bruin bekend”, zegt bestuursvoorzitter Goof Hamers.

Voor de bouwer van baggerschepen en gespecialiseerde schepen voor olie- en gaswinning op zee, liggen de kansen nu met name in Azië en de Verenigde Staten. Een investeerder uit dezelfde hoek kan dan geen kwaad. Eind mei klopte de scheepswerf zich in een ronkend persbericht nog op de borst over de goede samenwerking met de Chinezen. Het bouwde twee zogeheten sleephopperzuigers, van 12.000 kubieke meter groot, voor onderhoudswerkzaamheden aan de Chinese Yangtze rivier.

„We maken geen miljoenenwinsten omdat het in Nederland, of Europa, nou zo goed gaat,” zegt Hamers. Zijn bedrijf heeft wereldwijd ruim 3.000 mensen in dienst en boekte vorig jaar een omzet van 895 miljoen euro. De winst daalde van 100 naar 37 miljoen euro. Hamers ontkent overigens dat het bedrijf per se uit was op een Aziatische aandeelhouder. Maar dat daardoor ‘unieke technologische kennis’ zou kunnen weglekken naar China, zoals klant en collega-bestuurder Pieter van Oord het noemde, wil hij nuanceren.

„Wij hebben meer patentrechtzaken lopen in Europa dan in China”. Hamers wil maar zeggen dat het onrechtmatig kopiëren van innovaties, in tegenstelling tot de heersende opvatting, niet iets typisch Chinees is. „Voor ons is bescherming van intellectueel eigendom ook heel belangrijk. Maar het is onze organisatie die er voor moet zorgen dat het geheim van de ene klant niet wordt doorgespeeld aan de ander. ”

Dat hoort bij de manier van werken van IHC Merwede: boten komen in nauwe samenspraak met de klant tot stand. Zo zijn de twee baggerschepen die de werf onlangs aan China leverde specifiek ontworpen voor de hoge stroomsnelheden en bodemeigenschappen van deze rivier. Dat vergt openheid van klanten over concurrentiegevoelige informatie.

Waarom IHC Merwede uiteindelijk toch in zee ging met de familie De Bruin is niet bekend. Maar de investeerder is geen onbekende in de wereldwijde markten waar de scheepswerf juist wil groeien, zoals olie- en gaswinning en grondstoffendelving op zee. Want er zullen voorlopig geen palmeilanden meer verrijzen voor de kust van Dubai. „De tijd van pretprojecten is even voorbij.”

    • Ariane Kleijwegt