Anish Giri wil het scherper aanpakken

Om een schaakliefhebber te zijn, afgelopen april, dat was of je in het paradijs was met honing en ambrozijn en 72 maagden en niet wist waar je kijken en grijpen moest, want er was het Aljechin Memorial, het Grand Prix-toernooi in Zwitserland, het Capablanca-toernooi in Havana en ook nog het kampioenschap van China en van Bulgarije.

Zo ongeveer – eerlijk gezegd heb ik het een beetje aangedikt – begint in het laatste nummer van New in Chess de introductie tot een verslag dat Anish Giri schreef over zijn Grand Prix-toernooi in de Zwitserse kanton Zug. Ik herinner me inderdaad dat het me soms teveel werd, al dat topschaak, want je wil ook nog wel wat tijd hebben om er over na te denken. Het is niet goed of het deugt niet, want als het even stil is krijgen we weer onthoudingsverschijnselen.

Het is nu wat stiller dan in april en dan in juni, maar gebrek lijden we nooit. Afgelopen donderdag is in Beijing een nieuw Grand Prix-toernooi begonnen, waar Giri weer onder de deelnemers is, en vrijdag begon in het Science Park Amsterdam het kampioenschap van Nederland.

Over Giri wordt vaak gezegd dat hij natuurlijk een groot talent is, 20ste op de wereldranglijst en de beste ter wereld van de schakers onder de 20 jaar, maar dat zijn spel vaak te droog en te technisch is om de sterren van de hemel te spelen. Hij kent die geruchten en ik heb het idee dat hij er iets aan wil doen door meer het avontuur te zoeken.

Je zag het al een paar keer in Zug, en in Beijing begon hij donderdag met een harde aanval op Sergei Karjakins Berlijnse Muur door al snel na de opening twee pionnen te offeren.

Het kenmerk van een avontuur is dat het verkeerd af kan lopen, en dat gebeurde in die partij. Karjakin nam de pionnen in beslag, verdedigde zich een tijdje nauwkeurig en liet daarna zijn extra pionnen naar dame lopen.

Het belangrijkste toernooi van de afgelopen weken was de ‘Higher League’ van het Russisch kampioenschap in Jekaterinenburg. Die hogere liga is nog niet de allerhoogste, het was in feite een kwalificatiewedstrijd voor het echte kampioenschap van Rusland, dat daar de superfinale wordt genoemd.

Behalve de vijf plaatsen in die finale was er een nog vettere worst te winnen, want de toerwinnaar kreeg een plaats in het Tal Memorial van 2014. Lang leek het of dat Anton Sjomojev zou zijn, een schaker met de respectabele, maar voor het geweldige Tal Memorial bescheiden rating van 2.559. Officials maakten zich zorgen. Zou die arme kerel volgend jaar in het Tal Memorial niet zo wreed verpletterd worden dat hij afscheid van het schaken zou nemen en misschien wel van het leven? Hun zorgen waren voorbarig, want tenslotte werd het toernooi gewonnen door Ernesto Inarkiev, die met zijn rating iets dichter in de buurt van de grote kanonnen is.

Nikita Vitjoegov-Anton Sjomojev, ‘higher league’, Jekaterinenburg 2013

1. d4 g6 2. c4 Lg7 3. e4 d6 4. Pc3 c5 5. d5 e6 6. Ld3 Pe7 Dit ongebruikelijke en ook wat onnatuurlijke systeem was een jeugdliefde van me omstreeks 1960. Ik dacht in mijn naïviteit dat het alle openingsproblemen oploste en stelde me toen voor dat mijn paard, dat in het begin nog heel bescheiden op e7 staat, na de actie van de f-pion f7-f5xe4, via f5 naar d4 zou gaan en daar genadeloos toe zou slaan. Het kon ook heel anders gaan, merkte ik later wel, maar in deze partij worden al mijn jeugdfantasieën verwezenlijkt. 7. Lg5 h6 8. Le3 a6 9. a4 exd5 10. cxd5 Pd7 11. Pf3 0-0 12. Dd2 g5 13. h4 Wit speelt op twee vleugels, nu op de koningsvleugel en straks op de damevleugel; ambitieus maar riskant. 13...g4 14. Ph2 Pe5 15. Le2 h5 16. Pf1 De8 17. Pg3 f6 Hij kon ook meteen 17...f5 doen. 18. Tb1 f5 In twee stappen naar f5 dus. Wist zwart niet goed wat hij wilde, of was hij buitengewoon slim? Waarschijnlijk het laatste. 19. Lg5 fxe4 20. Pgxe4 Na 20. Pcxe4 Pf5 21. Pxf5 Lxf5 22. Pxd6 Pd3+ (of ook simpel 22...Dg6) zou blijken dat zwart er goed aan deed om even te wachten met f5. In deze variant staat wits toren op b1 veel slechter dan op a1. 20...Pf5 Zwart heeft zijn zin. Hij heeft lichte pionnenzwaktes, maar zijn stukken werken mooi. 21. 0-0 Ld7 22. b4 c4 23. a5 Dg6 24. Kh1 Tae8 25. Tbe1 Kh8 26. Tg1 Wit wil f2-f4 spelen, maar het komt er niet van. 26...Tc8 27. Tc1 Op 27. f4 heeft zwart behalve eenvoudig 27...Pf7 ook 27...Pd3 28. Lxd3 cxd3 29. Dxd3 Pxh4 (dreigt 30...Txc3) met goed spel. 27...Pf7 28. Tgf1 Pxg5 29. hxg5 Pd4 Wit heeft veel torenzetten gedaan zonder zijn draai te kunnen vinden en is nu in grote problemen. Behalve de zet die in de partij komt dreigt ook 30...Pb3. 30. Tce1 Met 30. De3 kon wit zich iets beter verdedigen, maar zwart zou toch heel goed staan.

Zie diagram rechtsboven

30...Pf3 31. gxf3 gxf3 32. Tg1 Wit moet zijn stuk teruggeven, want er dreigde 32...Df5. 32...fxe2 Wits koningsvleugel ligt open en zwarts aanval beslist. 33. Pf6 Na 33. Dxe2 is zowel 33...Lg4 met kwaliteitswinst als kalme versterking van de aanval met 33...Le5 ruim voldoende. 33...Lxf6 Zo wint zwart ook, maar een aardiger winst was er met 33...Dd3 (dreigt 34...Dh3 mat) 34. De3 Tce8 35. Pxe8 Txe8. 34. gxf6 Dxf6 35. Tg3 Lg4 36. Txe2 Lxe2 37. Dxe2 Dh4+ 38. Kg2 Tce8 39. Dc2 Te1 Wit gaf op.