Mannenmode Milaan: op zoek naar jong talent

Zonder de stoffen en het vakmanschap uit Italië zou de internationale mode-industrie niet zijn wat ie nu is. Ook niet-Italiaanse luxemerken laten hun tassen, kleren en schoenen bij voorkeur in Italië maken; geen betere kwaliteitsgarantie dan Made in Italy. Maar de Italiaanse mode-industrie heeft problemen en die worden niet alleen veroorzaakt door de crisis. Doordat

Prada, voorjaar 2014

Zonder de stoffen en het vakmanschap uit Italië zou de internationale mode-industrie niet zijn wat ie nu is. Ook niet-Italiaanse luxemerken laten hun tassen, kleren en schoenen bij voorkeur in Italië maken; geen betere kwaliteitsgarantie dan Made in Italy.

Maar de Italiaanse mode-industrie heeft problemen en die worden niet alleen veroorzaakt door de crisis. Doordat zich te weinig nieuw talent aandient, dreigen de modeweken in Milaan te vergrijzen. Bovendien zoeken steeds meer huizen hun heil in andere modesteden.

 Het Britse Burberry showde bijvoorbeeld jarenlang in Milaan, maar is inmiddels terug naar Londen, dat sinds kort ook een aparte mannenmodeweek heeft. Daar zijn ook de shows van de mannenlijn van het eveneens Britse Alexander McQueen heen gegaan. En dan zijn er nog de Italiaanse merken (Valentino, Miu Miu) die zich liever presenteren in Parijs. Iets waarover Giorgio Armani deze week nog zei: „Waarom zouden we glans naar andere markten brengen?”

Armani showt zijn haute couture zelf overigens ook in Parijs, maar dat is dan ook de enige echte plek om die vorm van mode te laten zien; al zijn andere lijnen worden in zijn eigen theater in Milaan getoond. De ontwerper deed dit weekend, tijdens de Milanese mannenmodeweek voor voorjaar 2014, een sympathieke poging een nieuwe naam te lanceren. Hij leende zijn theater uit aan Andrea Pompilio, wiens prettige sportieve kleren vooral opvielen door de dessins: horizontale strepen op een paarse of oranje achtergrond, sfeervolle paisleyprints.

Zelf gooide de Armani het in zijn jonge lijn Emporio Armani op zomerpakken, met truitjes en hemden waar de huid rijkelijk doorheen scheen. Er zaten aardige stukken bij, maar door de oubollige styling kwamen die lang niet altijd tot hun recht. Misschien moet de ontwerper ook op dat gebied wat jong talent durven toe te laten.

De Camera della Moda, de organisatie achter de modeweek, is zich eveneens bewust van het feit dat er iets moet gebeuren in Milaan. Op een persconferentie werd zondag het binnenhalen van nieuw talent als de belangrijkste doelstelling genoemd.

Een eerste aanzet was de show van Ji Wenbo, aangekondigd als „de grote modester van China”. De Chinese ontwerper liet in zijn lange show een aantal knap geconstrueerde, Japans aandoende zwarte kledingstukken zien, en outfits waarin oosterse en westerse invloeden samenkwamen. Maar omdat westerse merken al zo lang naar het oosten kijken – Corneliani kwam zaterdagochtend nog met een oosters geïnspireerde collectie – waren er weinig echte verrassingen.

 Spannender was het debuut van de Italiaan Stefano Pilati, voorheen verantwoordelijk voor zowel de mannen- als de vrouwencollecties van Yves Saint Laurent, bij Ermenegildo Zegna, de eerste lijn van pakkenmerk Zegna. Naast elegante, vederlichte pakken waren er zwierige jassen in zachte tinten en lange en korte vesten in zachte aardetinten. Sommige jassen waren ingesnoerd met een ceintuur die van achter breder was dan van voren, in een aantal colberts was aan de achterkant een trompe-l’oeil van een ceintuur aangebracht. ‘Couturestukken’ worden de kostbare en voor de meeste klanten gedurfde ontwerpen van Pilati genoemd, en ze zullen beperkt worden verkocht.

Dat voor jonge mode niet per se jonge ontwerpers nodig zijn – Pilati is 47 – bewees ook de 69-jarige Jil Sander, sinds vorig jaar weer terug bij haar eigen merk. Haar collecties, met name haar mannencollecties, zijn opmerkelijk fris en modern. Haar belangrijkste boodschap voor voorjaar 2014 zijn shorts, zo lang en zo wijd dat ze richting broekrok gaan. Sander liet ze zien in het wit, en in een gebloemde stof in bijna fluorescerend oranje. Ze werden gedragen met rechte jasjes en hybrides tussen blousons en overhemden.

Frida Giannini, de huidige ontwerper van Gucci, is met haar 41 jaar een van de jongste namen in de Italiaanse mode. Haar collecties waren tot nu toe altijd zeer luxe, met een zweem van de stijl uit de jaren zeventig, maar met sportieve kleren van gebloemde technostoffen en grote rugzakken sloeg ze een heel nieuwe weg in.

Bloemen ook bij Prada, waar Miuccia Prada (64) krijtstreeppakken in de stijl van de jaren veertig liet dragen met Hawaïhemden, vesten met ingebreide voorstellingen en gebloemde tassen. Net als bij Gucci waren de dessins en de kleuren eerder melancholisch dan uitgesproken vrolijk, wat de collectie een intrigerende, donkere ondertoon toon gaf.

De modeweek van Milaan mag dan een schrijnend gebrek hebben aan nieuwe namen, er is nog altijd genoeg interessants te zien.

Fotografie: Peter Stigter. Eerder gepubliceerd in NRC Handelsblad en NRC Next.


Emporio Armani

Corneliani

Ermenegildo Zegna

Jil Sander

Gucci