Egypte verjaagt twee keer in ruim twee jaar president . Maar wat nu?

Juichende anti-Morsi-demonstranten op het Tahrirplein na de afzetting van president Mohammed Morsi. Foto Reuters/ Asmaa Waguih

Mohammed Morsi is de tweede president in 2,5 jaar die moet wijken voor de wil van een overgroot deel van het Egyptische volk. Mubarak trad in 2011 zelf af, bij Morsi zorgde het leger daarvoor. Tot er nieuwe verkiezingen komen, heeft de hoogste man bij het constitutioneel hof in het land, Adly Mansour, de leiding. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? En belangrijker: wat gaat er nu gebeuren?

Hoe is Morsi afgezet?

Afgelopen zondag, 30 juni, gingen miljoenen mensen aangekondigd de straat op. Ze eisten het aftreden van Morsi. Volgens sommige berichten was het de grootste demonstratie qua aantallen in de geschiedenis van het land. Acht mensen komen om het leven bij gevechten bij het hoofdkwartier van de Moslimbroederschap, de partij van Morsi.

Een dag later gaan de demonstraties verder. Het machtige leger in het land kondigt die dag een ultimatum af: Morsi’s regering heeft 48 uur om de problemen met de oppositie op te lossen of het leger komt met zijn eigen oplossing: ‘een routekaart voor de toekomst’. Weer een dag later wordt de inhoud daarvan gedeeltelijk duidelijk: er komt een interim-regering ter vervanging van Morsi, die de op de Islam gestoelde grondwet opschort en zorgt voor verkiezingen binnen een jaar. Morsi vertrekt geen spier: hij herhaalt dat hij democratisch is gekozen en zweert niet te zullen aftreden.

Gisteren liep om 17 uur het ultimatum af: er is geen overeenkomst tussen de regering en de oppositie bereikt om te voldoen aan de eisen van het volk. De staatskrant meldde het al: als Morsi niet zelf opstapt, zal het leger hem afzetten. En zo geschiedde. Legerleider Abdel Fattah al-Sisi sprak het volk gisteravond toe en kondigde aan dat Morsi niet langer de president van het land was.

Waarom moest Morsi weg?

Midden-Oostenredacteur Carolien Roelants zette gisteren in nrc.next uiteen waarom Morsi volgens grote delen van het volk moest vertrekken:

  • De Moslimbroederschap speelde bijrol in revolutie 2011:

“De oude Moslimbroederschap en het regime van president Mubarak waren in feite de twee kanten van een en dezelfde medaille: een monolitische staat tegenover een monolitische interpretatie van de islam. Niet een ideologie om een vrolijke, jonge, alle kanten opschietende democratische revolutie op te enten.”

  • De Moslimbroederschap presteerde slecht:

“In zijn verkiezingscampagne beloofde Morsi in zijn eerste honderd dagen als president vijf belangrijke praktische kwesties aan te pakken: de groeiende onveiligheid (de gehate politie was na de revolutie niet meer in volle sterkte op straat verschenen), de verkeersopstoppingen, brandstoftekorten, de broodschaarste en de gebrekkige vuilophaal. Na zijn eerste 365 dagen kan iedere Egyptenaar dagelijks zien hoe hij heeft gefaald.”

  • Morsi blunderde met afkondigen decreet:

“Analisten binnen en buiten Egypte zijn het wel eens dat zijn doorslaggevende blunder het constitutionele decreet was waarmee hij zich in november feitelijk boven de wet stelde. Zijn wetten, decreten en besluiten konden niet meer worden aangevochten bij de rechter: hij werd een nieuwe dictator volgens zijn tegenstanders.”

“Morsi trok zijn decreet uiteindelijk grotendeels in, en de betogers keerden naar huis terug, maar het imago van de president was fataal beschadigd.”

  • De economie lijdt onder de revolutie:

“De economie lijdt zwaar onder de revolutie en de doorgaande onrust: toeristen en investeerders mijden Egypte. (…) Morsi bereikte geen overeenstemming met het IMF over een miljardenlening, volgens zijn tegenstanders uit angst dat bijbehorende bezuinigingen de Moslimbroederschap aanhang zouden kosten.”

  • Oogmerk Moslimbroederschap was macht vergaren:

“De Moslimbroederschap gedraagt zich nog steeds als de oppositiebeweging die zij zo lang was, zeggen oud-leden. Haar belangrijkste oogmerk blijft macht verzamelen, niet het land regeren.”

Waarom wordt het leger steeds als redder gezien?

De strijdkrachten in Egypte zijn al sinds 1952 verbonden met het bewind van het land, toen kolonel Gamal Abdel Nasser aan de macht kwam. Mubarak, Morsi’s voorganger, had ook een nauwe band met de strijdkrachten. In nrc.next van vandaag legt Roelants uit waarom het leger in Egypte steeds weer als redder wordt gezien:

“Misschien is de verklaring voor zijn populariteit dat het leger in een moeilijke periode tenminste nog een institutie is die werkt. In elk geval onderstreept de populariteit van de militairen hoezeer de burgers genoeg hebben gekregen van Morsi’s bewind.”

“Het leger sloot voor de machtsoverdracht aan Morsi, een jaar geleden, een deal met de Moslimbroederschap: er zou geen civiel toezicht komen op de defensiebegroting en de enorme economische belangen van het leger zouden onaangetast blijven. Naar schatting 15 tot 40 procent van de Egyptische economie wordt door militairen gecontroleerd; 90 procent van het land is in hun handen.”

Roelants schrijft dat de legerleiding herhaaldelijk had verklaard de afgelopen maanden zich op afstand te willen houden van de problemen. Maar de problemen werden simpelweg te groot om niet in te grijpen.

Wat gaat er nu gebeuren?

De 58-jarige Adly Mansour, hoofd van het constitutioneel hof in het land, is net beëdigd als interim-president. Roelants en correspondent Gert van Langendonck beschrijven kort wat er vervolgens gebeurt:

“Er is een routekaart voor hoe het verder moet. Het verschil met 2011, na Mubarak, is dat het leger nu niet zelf de macht in handen neemt.”

Correspondent Gert van Langendonck vandaag in nrc.next:

“Aan hem (Mansour, red.) is het om nieuwe presidentsverkiezingen uit te schrijven. In de tussentijd komt er een nieuwe regering van technocraten. De controversiële grondwet, die door de fundamentalistische meerderheid werd opgesteld, wordt opgeheven en herbekeken.”

Komt er nu dan eindelijk stabiliteit in Egypte?

Dat is niet waarschijnlijk, schrijft Van Langendonck vandaag in nrc.next :

“(…)een Moslimbroederschap dat beroofd is van zijn democratische verkiezingsoverwinning zal de komende tijd nog voor veel problemen zorgen. Maar het is wel tekenend voor de verschuiving die zich bijna onopgemerkt heeft voorgedaan in Egypte de voorbije maanden.

De stabiliteitsfactor – het idee dat de zwijgende meerderheid altijd tegen bruuske verandering is – speelde niet meer in het voordeel van president Morsi en de Moslimbroederschap. Anders dan tijdens de 18 dagen in 2011 is het de zwijgende meerderheid die sinds zondag op straat komt.”

Veel gaat afhangen van hoe het leger omspring met de Moslimbroeders en hun bondgenoten:

“De eerste tekenen zijn niet goed. De tv-zender van de Moslimbroederschap en salafistische zenders gingen meteen uit de lucht. Naar verluidt is het personeel gearresteerd. Leiders van de Moslimbroederschap zijn op de vlucht.

Een voorproefje van wat Egypte nu mogelijk te wachten staat, was gisteren te zien bij de Cairo University in Giza, waar in de nacht van dinsdag op woensdag zestien doden vielen bij clashes met Morsi-aanhangers.

Onder leiding van het leger kan er weleens een onzekere periode aanbreken:

“Terwijl veel mensen gisteravond juichten, maakten anderen zich zorgen over een nieuwe onzekere periode met het leger, dat een jaar lang bijna onzichtbaar was gebleven, opnieuw op de eerste rij. De vorige keer ging dat niet zo goed.

En de Moslimbroeders? Die bereiden zich voor op een terugkeer naar een situatie die ze in hun 80-jarige bestaan goed hebben leren kennen: die van de underdog, maar ditmaal een hele boze.”

Hoe groot is de kans op een burgeroorlog?

Volgens Roelants is het logisch dat mensen zich dit afvragen, maar zijn er nog weinig aanwijzingen voor:

“Mensen denken heel snel: leger pleegt coup, Moslimbroederschap is het er niet mee eens, a plus b is c. En er zijn natuurlijk dreigementen over en weer geuit, maar je kunt nog moeilijk spreken van aanwijzingen voor een burgeroorlog. Er zijn bij gevechten tussen beide kampen enkele doden gevallen, maar hoe naar ook, dat aantal op het enorme aantal demonstranten in de straten is heel erg klein.”