Huwelijk tussen jazz en haven

North Sea Jazz is voor vijf jaar een overeenkomst aangegaan met het Havenbedrijf en heet voortaan Port of Rotterdam North Sea Jazz. Het Havenbedrijf hoopt zo mensen en bedrijven „warm te maken” om zich in Rotterdam te vestigen.

Strikt genomen gaat dit artikel niet over North Sea Jazz. Dat geldt overigens voor dit hele Cultureel Supplement. Officieel heeft het festival vanaf dit jaar namelijk een nieuwe naam. Port of Rotterdam North Sea Jazz heet het – zo is ook te zien in het officiële logo. ‘Naamgevend sponsorschap’ heet deze constructie in sponsorjargon.

De naamswijziging is het gevolg van een overeenkomst tussen North Sea Jazz, het Havenbedrijf en de gemeente Rotterdam. De laatste twee willen graag dat het festival in de stad blijft – Amsterdam ligt op de loer, en hebben daar geld voor over. De partijen hebben nu afgesproken dat North Sea Jazz in ieder geval vijf jaar niet uit Rotterdam vertrekt, waar het in 2006 voor het eerst werd georganiseerd. Het festival huisde daarvoor dertig jaar in Den Haag.

Maar behalve die continuïteitsgarantie wil de haven dus ook meeliften op het ‘merk’ North Sea Jazz. „De naamswijziging was één van de voorwaarden”, vertelt Jan Willem Luyken, directeur van North Sea Jazz. Hoeveel het Havenbedrijf daarvoor over heeft, wil het niet bekendmaken. „Bedrijfsgevoelige informatie”, verklaart een woordvoerder. De hoogte van de gemeentelijke bijdrage is wél openbaar: dit jaar is dat een half miljoen euro, de jaren daarna 550.000 euro.

Naamgevend sponsorschap is de meest verregaande vorm van sponsoring – meer verstrengeld kunnen sponsor en gesponsorde niet raken. Dat North Sea Jazz er goed aan verdient, mag dus worden aangenomen. Maar daarvoor moet het festival zijn naam – sinds de eerste editie in 1976 uitgegroeid tot wereldwijd begrip – voortaan wel delen met een bedrijf.

Toch vindt directeur Luyken het geen rigoureuze stap. Het is een formele naamswijziging die zichtbaar is in „officiële uitingen” als posters en tickets, legt hij uit. „We zullen hier niet de telefoon opnemen met ‘Port of Rotterdam North Sea Jazz, goedemiddag.’” Bovendien is het niet de eerste keer dat het festival zijn naam (tijdelijk) deelt: in de jaren tachtig heette het al een tijdje JVC North Sea Jazz.

Daarnaast, zegt Luyken, is sponsoring gewoon nodig. „Het maakt een essentieel onderdeel uit van de begroting.” Hoeveel hij verstaat onder ‘essentieel’ wil Luyken niet vertellen. Wel dat dat meer is dan „een paar procent”. Hoe groot het totale festivalbudget is, blijft ook al onbekend. Organisator van het festival, Mojo Concerts, houdt zulke financiële gegevens voor zichzelf.

Jazz en de haven – niet direct het meest voor de hand liggende huwelijk. JVC maakt nog audioapparatuur, waarop in potentie naar jazz gelúisterd kan worden. Maar het Havenbedrijf noemt de sponsoring „een logische stap”. Het wil mensen en bedrijven namelijk „warm maken” om zich in Rotterdam te vestigen, legt de woordvoerder uit. „En een groot festival is goed voor de naam van de stad.”

In de culturele sector is naamgevend sponsorschap van evenementen niet de gewoonte, zegt Job van Dooren, consultant op het gebied van fondsenwerving. „Behalve de Robeco Zomerconcerten in het Concertgebouw zijn er amper bekende voorbeelden.” Wel komt het voor dat bedrijven hun naam verbinden aan culturele gebouwen, zoals bij de Heineken Music Hall en de Ziggo Dome. En ook in de sport is het gangbaar. Zo is er het ABN Amro World Tennis Tournament en de Rabobank Hockey World League.

Maar Van Dooren verwacht dat ook festivals en orkesten vaker hun naam in de uitverkoop zullen doen. Dat levert vaak meer op dan ‘gewoon’ sponsorschap en is dus interessant voor culturele organisaties, zeker nu de overheid zich meer en meer terugtrekt. „In die zin is North Sea Jazz een voorloper.”

Het Havenbedrijf en de gemeente Rotterdam hebben overigens geen alleenrecht op het festival – er zijn nog vier ‘hoofdsponsors’. NRC Handelsblad behoort daar als mediapartner niet toe. Hoewel bedrijven sinds de crisis over het algemeen wat minder kwistig sponsoren dan voorheen, heeft directeur Luyken daar geen last van. „Wij zitten traditioneel gelukkig goed in onze sponsors.” Organisator Mojo werft actief, maar het festival heeft ook de luxe dat bedrijven zichzelf melden.

En dat is ook niet zo gek, zegt sponsoringconsultant Marcel Beerthuizen. „Voor kleinere, onbekende partijen is het veel lastiger geworden, maar North Sea Jazz is een wereldvermaard festival.” Dat soort evenementen zal het altijd lukken om „geld uit de markt te halen”, denkt Beerthuizen.

Net als het Havenbedrijf houden de vier andere sponsors van North Sea Jazz geheim wat ze voor hun ‘sponsorpakket’ betalen. Ook directeur Luyken vertelt niet wat zijn vraagprijs is. Hij lacht. „Het zijn marktconforme bedragen. En dat is alles wat ik erover kwijt kan.”

North Sea Jazz draagt in ieder geval de komende vijf jaar het voorvoegsel Port of Rotterdam. Er is een optie tot twee jaar verlenging. „Bij tevredenheid van alle partijen”, zegt Luyken. Want wie weet hebben zich over vijf jaar wel nieuwe potentiële naamdelers gemeld – het havenhuwelijk is niet per se voor eeuwig.