Computers moesten voor iedereen zijn

De uitvinder van veel wereldwijd gebruikte toepassingen als de muis was buiten Silicon Valley nauwelijks bekend. „We hadden iets nodig om de cursor te bewegen.”

Engelbarts eerste muis, uit 1968: een vierkant object op twee rollende schijven. Foto Hollandse Hoogte

Amsterdam/Londen. - Buiten het computerhart van de wereld kende vrijwel niemand de gisteren op 88-jarige leeftijd overleden Douglas Carl Engelbart. Maar in Silicon Valley, ten zuiden van San Francisco, wordt hij in één adem genoemd met uitvinders als Thomas Edison en Alexander Graham Bell.

Dit dankzij Engelbarts creatie van een apparaat waarmee miljoenen mensen werken: de computermuis. Hij ontwierp de muis in 1968. „We hadden gewoon iets nodig om bij een presentatie op het Stanford Research Institute de cursor op het computerscherm te bewegen”, vertelde Engelbart in 1999 bescheiden aan deze krant. „We gaven het de bijnaam muis, omdat er een snoer, een staart, aan één kant uitkwam.”

Voor omstanders was de presentatie „een van de zeldzame momenten waarop je weet dat de toekomst zal veranderen”. Engelbart presenteerde een computer die makkelijk en door iedereen moest zijn te gebruiken. Tot dan toe was de machine een log en vooral duur ding. Ponskaarten en speciaal opgeleide mensen waren nodig om de computer te bedienen. De technische toepassingen die Engelbart voorstelde – menubalken, help-menu’s, beeld- en tekstbewerking, een voorloper van e-mail en videoconferencing, en de muis – worden nog steeds gebruikt.

Engelbarts fascinatie voor computers kwam voort uit een naïeve, bijna wereldvreemde gedachte: de problemen van de mensheid oplossen. Hij realiseerde zich dat daarvoor het collectieve intellect van mensen moest worden samengebracht. „Dat kon ik alleen voor elkaar krijgen wanneer een computer die taak zou overnemen.” Opmerkelijk, omdat Engelbart nog nooit een computer had gezien, maar er slechts over had gelezen toen hij in 1945 werkte als radaroperator in dienst van het Amerikaanse leger.

Het prestigieuze Stanford Research Institute in Calfornië stelde hem na zijn diensttijd in de gelegenheid om zijn ideeën te verwezenlijken, totdat hij in de jaren ’70 tijdens een bezuinigingsronde werd ontslagen. De computer zou volgens de universiteit slechts een veredelde typemachine blijven.

Zijn ontslag bleef Engelbart zijn hele leven steken. De erkenning die hij de laatste decennia in Silicon Valley kreeg, woog daar niet op. „Nu noemt men me een ziener, een profeet. Dertig jaar geleden verklaarden dezelfde mensen me voor gek. Ik solliciteerde begin jaren ’70 bij Hewlett Packard, waar ze me vertelden dat ze ‘niets in computers zagen’. Hewlett Packard!”

Doordat zijn team uit elkaar viel, wordt de uitvinding van de muis vaak aan Steve Jobs toegeschreven. Maar Jobs, de oprichter van Apple, zag een van Engelbarts voormalige medewerkers in 1979 met de muis werken en incorporeerde het apparaat in Lisa, de voorloper van de Apple Macintosh-computer.

Het lag deels aan Engelbart zelf dat hij buiten Silicon Valley nooit de erkenning heeft gekregen die hij, gezien zijn uitvindingen, verdiende. Zijn bescheiden manier van spreken, maar vooral de ingewikkelde uitleg van zijn idee om het collectieve intellect samen te brengen via de computer en het menselijk IQ zo te vergroten, warende oorzaak.

Zijn dochter Christina zorgde er de laatste jaren voor dat Engelbarts ideeën door het door haar opgerichte Bootstrap Institute werden verspreid. De grootste muizenproducent ter wereld, Logitech, gaf Engelbart een gratis kantoor in hun hoofdkantoor in Fremont, Californië. Daar maakte hij mee hoe tablets de muis langzaam overbodig maken.