'10 tot 15 procent artsen verslaafd'

◯ Waar ◯ Grotendeels waar ◯ Half waar ◯ Grotendeels  onwaar ◯ Onwaar

De aanleiding

„Minstens 10 tot 15 procent” van de artsen is verslaafd, zo stond afgelopen zaterdag op de voorpagina van het Algemeen Dagblad. Dat blijkt uit „wetenschappelijk onderzoek”, schrijft de krant. Er werken in Nederland 50.000 mensen als arts, wordt ook in het bericht vermeld – vlak voor de bewering dat minstens 10 tot 15 procent van hen verslaafd is. Bij de argeloze lezer ontstaat zo het beeld dat tussen de 5.000 en 7.500 artsen in Nederland verslaafd zouden zijn.

Het hoge percentage verslaafde dokters is overigens niet de aanleiding van het nieuwsbericht. Het gaat erom dat verslaafde artsen „gewoon” mogen doorwerken als hun verslaving geen negatief effect heeft op hun werk – als ze nog met vaste hand kunnen opereren, is er niks aan de hand. De Inspectie voor de Gezondheidszorg grijpt pas in als dat wél zo is, schrijft de krant. De Tweede Kamer is „verbijsterd”. Verschillende politieke partijen willen dat een arts bij „aanwijzingen van verslaving” tijdelijk op non-actief wordt gezet. Het relatief hoge percentage verslaafde dokters dat in het artikel wordt genoemd, geeft aan wat de ernst van het probleem is. Maar ís inderdaad wel 10 tot 15 procent van de Nederlandse artsen verslaafd?

En, klopt het?

Het ‘wetenschappelijk onderzoek’ waar het AD zich op zijn voorpagina op baseert, komt uit Amerika. Al sinds de jaren tachtig wordt daar onderzoek gedaan naar alcohol- en drugsgebruik onder doktoren. Daaruit blijkt structureel dat verslaving onder artsen vaker voorkomt dan onder de gemiddelde bevolking.

Maar naar verslaving onder Nederlandse artsen is nooit wetenschappelijk onderzoek gedaan. En dat schrijft het AD niet op de voorpagina. Die nuance wordt wél gemaakt in een kadertje op pagina 7, maar daarna wordt ook gezegd dat die cijfers ook min of meer van toepassing zijn op Nederland. „Er is geen reden om aan te nemen dat die cijfers anders zijn”, zegt Hans Rode in hetzelfde kleine kader. Hij is projectleider van een steunpunt voor artsen die verslaafd zijn, opgericht door landelijke artsenfederatie KNMG.

Maar waaróm het percentage verslaafde dokters in Nederland wel hetzelfde zou zijn als in Amerika, dat wordt in de krant niet uitgelegd. Ook blijft schimmig waaráán de dokters dan zo massaal verslingerd zijn. Drank? Heroïne? Koffie?

Van Nederlandse dokters weten we inderdaad niet hoeveel er verslavende middelen gebruiken, laat staan wat dan, bevestigt hoogleraar verslavingszorg Cor de Jong van de Radboud Universiteit Nijmegen. „Maar in omringende landen als België en Duitsland is daar wél onderzoek naar gedaan”, zegt hij. Daaruit blijkt dat de situatie in Europa niet anders is dan in Amerika. Uit recent Belgisch onderzoek van de Universiteit van Antwerpen naar drinkgedrag onder medisch specialisten blijkt bijvoorbeeld dat het percentage artsen dat ‘gevaarlijk drinkgedrag’ vertoont hoger is dan gemiddeld – ongeveer 10 procent van de Belgen is zware drinker. Dat resultaat is gebaseerd op een enquête onder 1.500 medisch specialisten.

Hoewel we het dus niet zeker weten, mag volgens De Jong wel worden aangenomen dat het percentage verslaafde dokters ook in Nederland, net als in Amerika en buurlanden, hoger is dan het percentage verslaafden op de totale bevolking. In Nederland wordt dat door verslavingskliniek Jellinek geschat op ongeveer 1,6 miljoen mensen, wat neerkomt op zo’n 10 procent van de Nederlanders.

Ook psychiater Bram Bakker, gespecialiseerd in verslaving, denkt dat Nederlandse dokters meer gebruiken dan gemiddeld. De beroepsgroep scoort volgens hem hoog op verschillende ‘risicofactoren’. „Ze zijn hoogopgeleid, werken in stressvolle omstandigheden, hebben onregelmatige werktijden en kunnen het zich financieel veroorloven”, somt hij op. „Én veelgebruik is sociaal geaccepteerd. Ga op een vrijdagmiddag naar een kroeg in de buurt van een ziekenhuis – daar staan al die dokters als een dolle te zuipen.”

De middelen waar verslaafde medici echt niet zonder kunnen zijn volgens hoogleraar De Jong legio. Drank natuurlijk, maar ook harddrugs als cocaïne en speed. En verslaving aan medicijnen als slaap- en kalmeringsmiddelen komt volgens hem voor – spullen waar dokters natuurlijk makkelijk aan kunnen komen.

Hoewel het niet uitgesloten is dat 10 tot 15 procent van de Nederlandse artsen een verslavingsprobleem heeft, is dat tegelijk ook niet bewezen. Het Algemeen Dablad bracht die bewering op zijn voorpagina echter wél als een onomstreden feit. Dat is niet geheel terecht. De mate waarin Nederlandse artsen verslaafd zijn is nooit wetenschappelijk onderzocht. Al blijkt uit onderzoek in Amerika en andere Europese landen wel dat dat percentgage hoger is dan onder de rest van de bevolking.

Desalniettemin beoordelen wij de bewering dat 10 tot 15 procent van de artsen in Nederland verslaafd is als ongefundeerd.