Nu praten met rivalen van NS? Dat kan dus best

Met andere vervoerders gaan praten over de hogesnelheidslijn is juridisch onmogelijk, zei staatssecretaris Mansveld. Onzin, zeggen experts nu tegen de Tweede Kamer.

Niet doen, zei staatssecretaris Wilma Mansveld (Infrastructuur, PvdA) twee weken geleden tegen de Tweede Kamer. Als het kabinet nu alvast vrijblijvend met andere vervoersbedrijven gaat praten over de exploitatie van de hogesnelheidslijn (hsl), dan begeeft de staat zich „juridisch gezien op het hellend vlak van een nieuwe aanbesteding”.

Wel doen, zeiden vier aanbestedingsdeskundigen gisteren tegen de Tweede Kamer. Concurrenten van de NS alvast polsen voor de lijn Amsterdam-Brussel, een marktconsultatie, dat kan Mansveld gewoon doen.

Het kabinet besluit voor 1 oktober of de NS en het Belgische spoorbedrijf NMBS een „volwaardig alternatief” voor de probleemtrein Fyra hebben gepresenteerd. Lukt dat niet, dan komen concurrenten als Deutsche Bahn/Arriva, Virgin en Veolia in beeld. Maar de Tweede Kamer vindt dat veel te laat.

Dus nodigden Kamerleden gisteren deskundigen uit om hun oordeel te geven. De belangrijkste vraag: kan Mansveld nu al met concurrenten van de NS gaan praten? Het eensluidende antwoord: ja. Andere vervoerders kunnen zo’n marktconsultatie later niet tegen Mansveld gebruiken om een openbare aanbesteding van de hsl-concessie – het recht op exploitatie van de lijn – af te dwingen. Daarover beslist het kabinet straks gewoon zelf.

Het is allemaal niet zo ingewikkeld, zei advocaat Frederik van Nouhuys, gespecialiseerd in aanbestedingsrecht. „Hoezo valse verwachtingen wekken? Je bent er toch zelf bij?” Hoogleraar privaatrecht Chris Jansen van de Vrije Universiteit: „Zet gewoon in de uitnodiging dat je iemand wilt spreken, maar dat je je niet verplicht voelt tot aanbesteding.” Juist bij Mansvelds eigen ministerie weten ze dat als geen ander, zei Jansen. Onderdelen van het ministerie, zoals Rijkswaterstaat, hebben veel ervaring met marktconsultaties en hoe je die moet doen.

De vraag is wel of zo’n marktconsultatie iets oplevert. Van Nouhuys: „De partijen laten echt niet het achterste van hun tong zien. En vergeet niet dat we al veel weten. Er is veel belangstelling bij concurrenten, die conclusie zou niet verrassend zijn.”

Ook hoogleraar aanbestedingsrecht Elisabetta Manunza (Universiteit Utrecht), net als de Fyra van Italiaanse afkomst, zag het nut niet zo: „Als de problemen dan zo urgent zijn, ga dan nu gelijk aanbesteden.”

Viola Sütö, juridisch adviseur in de spoorsector, is juist enthousiast: „Als pas in oktober blijkt dat het NS-plan niet voldoet, is er veel tijd verloren gegaan.”

Concurrerende vervoerders kunnen ook zelf proberen een einde te maken aan de concessie van de NS. De vraag is namelijk of de grenzen daarvan niet al zijn overschreden. Van Nouhuys. „Het is opvallend wat er allemaal is veranderd sinds de totstandkoming van de concessie.”

Zo is het bedrag dat de NS aan de staat moet betalen al twee keer verlaagd, en wordt nu met lagere snelheid over de hsl gereden. Dat is tegen de afspraken. Maar om hun gelijk te halen moeten concurrenten procederen tegen de staat, iets dat hun eigen kansen op de concessie niet vergroot.

Kamerlid Sander de Rouwe (CDA) noemde de uitkomst van de hoorzitting „ontluisterend”. Morgen dient hij een motie in om Mansveld te dwingen met andere vervoerders om tafel te gaan. Mansveld zelf laat weten dat het niet zozeer de vraag is of een marktconsultatie kan, maar of die gewenst is. Haar antwoord: nee. „Het levert glimmende brochures op en allemaal partijen die zeggen dat ze het zeven keer beter doen dan de NS”, zegt haar woordvoerder.

De Fyra werd in januari na aanhoudende problemen uit de dienstregeling genomen. Vanmiddag zou de rechtbank Utrecht uitspraak doen in het kort geding van Fyra-fabrikant AnsaldoBreda tegen NS. De fabrikant wil de treinen gewoon leveren.