...en hoezo is Den Haag er dan geïrriteerd over?

Politiek Den Haag reageert gebeten op de miljoenenbonussen. Het zou niet passen, in crisistijd. De minister vindt het ‘onverstandig’.

In het licht van de huidige crisis niet uit te leggen. Dat zei minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) gisteren over de bonus van maximaal 33 miljoen voor de top van Robeco. Hij noemde het „onverstandig”, vooral omdat die „tegen het maatschappelijk klimaat ingaat waar zeer, zeer kritisch wordt gekeken naar de financiële sector”.

De onvrede van de bewindsman is niet verrassend. De financiële sector speelde een grote rol in de schuldencrisis, waarin Nederland zich nu bevindt en de sector is ook nog eens overeind gehouden door de belastingbetaler. Overigens ontving toenmalig Robeco-moeder Rabobank als enige grote Nederlandse bank nooit staatssteun, maar in de Tweede Kamer zijn al kritische vragen gesteld.

Wanneer toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) het vooraf aan de minister had gemeld, had Dijsselbloem gezegd „dit moeten we niet doen”, zei hij gisteren bij RTL Z. Maar de zaak werd niet aan hem voorgelegd, mogelijk wel aan zijn voorganger Jan Kees de Jager, maar dat was vanochtend nog niet duidelijk. DNB heeft haar eigen toezichtregels, maar omdat het om een tamelijk unieke bonus gaat, had overleg volgens de minister voor de hand gelegen. De bonus is, los van de omvang, bijzonder omdat die vooraf is afgesproken en dus niet afhankelijk is van financiële prestaties. DNB gaf eerder groen licht en nu staat de minister machteloos.

Na de zomer komt Dijsselbloem met wetgeving die bonussen aan banden legt. De Wet beloning banken regelt dat bonussen maximaal 20 procent van het vaste salaris mogen bedragen. De nieuwe regels kunnen wel, zo vreest de politiek, voor een forse stimulans van het vaste salaris zorgen.