Bokkige puber wordt zelfbewuste artieste

Holland Doc: Karsu Ned. 2, 23.00 - 00.05

De ontkenning wordt een rode draad. Nee, de zelfgeschreven liedjes van de jonge Turks-Nederlandse zangeres Karsu Dönmez (23) gaan niet over haarzelf. Echt niet. Zo’n verhaaltje over een minnares, hunkerend naar liefde van een getrouwde man, dat verzint ze gewoon.

De wat moeizame relatie tussen publiek en privé is een mooie lijn in de documentaire Karsu van Mercedes Stalenhoef. Stalenhoef volgde haar onderwerp drie jaar; thuis, op vakantie, in Carnegie Hall in New York. Tussen de optredens in het restaurant van haar ouders in de Pijp en het Muziekgebouw transformeert de bokkige puber tot zelfbewuste artieste. Op 13 juli staat ze op North Sea Jazz. Naast de opbloeiende roem toont Stalenhoef, bijna achteloos, flarden migratiegeschiedenis. Ze had geluk: Karsu’s moeder was als exotisch allochtoon meisje gefilmd voor de Nederlandse tv. Haar man groeide op met Turkse muziek, via zijn dochter leerde hij jazz, pop en klassiek kennen. En nu? „Ik zweef als zij achter de piano zit.”

Wellicht door het inkorten voor tv (van 90 naar 60 minuten) is de film in het slot wel erg geheimzinnig, vooral als het over jongens gaat. Haar vader houdt het graag zo: „Haar privéleven is zoiets heiligs, dat wordt beschermd.” De meisjes accepteren het gedoe lachend. „Turkse cultuur hè.”

Mark Duursma