Goed, Morsi is gekozen, maar dit is ook democratie

Egypte bouwde gisteren een feestje De betogers vieren dat het leger weer de macht naar zich toe trekt De Moslimbroederschap maakt zich (nog) geen zorgen Maar de coup lijkt al een feit

correspondent Egypte

Nee, zorgen maakt hij zich niet, zegt Gehad El-Haddad, de woordvoerder van de Moslimbroederschap. „Het Egyptische volk zal een militaire dictatuur nooit aanvaarden. Om de New York Times-columnist Thomas Friedman te citeren: de tijger gaat nooit meer terug in de kooi.”

El-Haddad zit in een tent in de Raba’a al-Adawiya-moskee, het ‘Tahrirplein’ van de fundamentalisten, en zojuist is bekend geworden dat het Egyptische leger president Morsi de wacht heeft aangezegd. Binnen 48 uur moet er een compromis komen tussen Morsi en de oppositie, of het leger komt zelf met een ‘routekaart’ voor de toekomst.

Het is allemaal bliksemsnel gegaan. Zondag kwamen in heel Egypte miljoenen mensen de straat op om het vertrek van Morsi te eisen, die precies een jaar eerder aan de macht kwam via democratische verkiezingen. Gisteren gaf Tamarod, de nieuwe beweging die ontstond rond een handtekeningenactie tegen Morsi, de president 24 uur om af te treden. Zo niet zou een campagne van burgerlijke ongehoorzaamheid beginnen.

Iedereen keek uit naar de reactie van het leger, maar niemand had verwacht dat die zo snel zou komen.

„Als binnen 48 uur niet tegemoet is gekomen aan de wil van het volk”, zei legerleider Abdel Fatah al-Sissi in een audiotoespraak, „dan zal het leger gedwongen zijn door zijn nationale en historische verantwoordelijkheden om een routekaart aan te kondigen en procedures voor de deelname van alle facties en groepen”.

Met andere woorden: óf Morsi doet concessies aan de oppositie, óf het leger neemt de touwtjes opnieuw in handen. In de straten van Kairo waren de woorden van al-Sissi snel geïnterpreteerd: het leger zet Morsi buitenspel.

Terwijl boven Heliopolis vijf legerhelikopters vlogen met grote Egyptische vlaggen, begaven duizenden mensen zich toeterend en juichend richting het presidentieel paleis.

„Ik ben nog nooit zo gelukkig geweest”, zegt Hossam Manazily bij het paleis. „Zondag hebben we bewezen dat wij de meerderheid zijn in Egypte, niet de fundamentalisten.” Dat dit toch wel een domper is op het democratisch proces dat na de val van Mubarak in 2011 op gang kwam, deert hem niet. „Het land is het voorbije jaar helemaal bergaf gegaan. Egypte kan het zich niet permitteren om nog drie jaar te wachten tot de volgende presidentsverkiezingen.”

„Goed, Morsi is democratisch verkozen”, geeft Emad Rizk toe. „Maar dit is ook democratie. Het Egyptische volk heeft vorig jaar een keuze gemaakt. We hebben ingezien dat het een foute keuze was. Nu zetten we die fout recht.”

Een andere feestvierder, Amir Mohammed, zegt dat de democratie in Europa en de VS ook niet op een jaar tot stand is gekomen. „De bron van democratie is altijd het volk: het volk geeft en het volk neemt.”

Hij hoopt dat de Moslimbroeders verstandig genoeg zullen zijn om mee te gaan in het transitieplan. „Het zijn tenslotte ook Egyptenaren. Het voorbije jaar is er een van verdeeldheid geweest. We moeten nu weer één volk worden.”

Wat er nu moet gebeuren is onduidelijk. Het leger heeft het vertrek van Morsi niet geëist, en in principe is de mededeling van het leger nog maar een dreigement.

Maar in de praktijk lijkt de coup al voltrokken – hoewel het leger dat ontkent. Vijf ministers, niet van de partij van Morsi, stapten gisteren op, als blijk van steun aan de demonstranten. De staatstelevisie, die eerst Mubarak, toen het leger, en daarna Morsi steunde, heeft zich helemaal op het anti-Morsi-protest gestort. Het leger heeft gisteren vijftien lijfwachten gearresteerd van Khairat El-Shater, de sterke man van de Moslimbroederschap, na een vuurgevecht bij zijn huis.

De vraag is nu hoe de Moslimbroederschap zal reageren. De beweging heeft tachtig jaar geworsteld tegen discriminatie, foltering en arrestaties. Nu het de verkiezingen democratisch heeft gewonnen, wordt die prijs mogelijk onder hun neus weggekaapt. Toen het Algerijnse leger in 1991 verkiezingen annuleerde toen de fundamentalisten dreigden te winnen, volgde een burgeroorlog die 150.000 levens kostte.

Voorlopig lijkt de Moslimbroederschap nog in ontkenning te leven. „Het leger staat onder het bevel van president Morsi”, zegt Gehad El-Haddad. „Beslissingen die niet gedekt zijn door de president komen neer op een coup.”

Het is ironisch dat de moslimfundamentalisten, aan wier democratische bedoelingen lang is getwijfeld, nu juist precies die democratie verdedigen, terwijl de betogers op straat juichen voor een militaire machtsgreep.

„Democratie is misschien niet het beste systeem ter wereld, maar het is het enige dat we hebben”, parafraseert El-Haddad Winston Churchill. „We hebben het nota bene van jullie overgenomen, en nu wil men het van ons afpakken?”

El-Haddad klinkt een beetje dreigend wanneer hij zegt dat „als het over pure getallensterkte gaat, wij dit al lang hadden kunnen opklaren. De islamitische alliantie vertegenwoordigt 60 tot 75 procent van de Egyptenaren. Wij zullen het juiste doen: wij verdedigen de stembus.”