Column

Geachte heer Rehn, mijn allerbeste Olli

Sta mij toe je te vergewissen van een heuglijk feit. Afgelopen vrijdag 28 juni kwam ons Centraal Bureau voor de Statistiek met de volgende, verrassende, boodschap. De nationalisatie van de bank SNS die ik in het eerste kwartaal doorvoerde, gaat grotendeels niet ten koste van mijn begrotingssaldo. Ik herhaal: niet. De 3 miljard euro die daarmee gemoeid zijn, waren door mij wel als zodanig ingeboekt. Dat betekent dat ik voor de begroting 2013 plots met een meevaller zit van 0,5 procent van het Nederlandse bruto binnenlands product (bbp).

Het CBS zal de interpretatie insturen naar Eurostat, het statistische bureau van de EU. Die moet er uiteindelijk over oordelen. Je weet ongetwijfeld dat het CBS in Europa een erkende autoriteit is bij het opstellen van standaarden voor de Nationale Rekeningen en dat haar medewerkers sinds jaar en dag een belangrijke rol spelen in de diverse commissies daaromtrent. Hun woord heeft dan ook gewicht. Ik sluit daarom zeker niet uit dat hun interpretatie wordt geaccepteerd.

Er is, hou je vast Olli, ook nog een transactie inzake de vastgoedbeheerorganisatie van SNS die voor 0,7 miljard euro is ingeboekt. Dat is nog eens ruim 0,1 procent van het bbp. Wat het CBS daarmee gaat doen weet ik nog niet. Maar het zou heel goed kunnen dat die eveneens niet mee zal tellen voor mijn begrotingssaldo. Daarmee komt de meevaller op ruim 0,6 procent.

Toen ik mij dit realiseerde dacht ik het volgende (je kunt nu trouwens beter even gaan zitten, Olli).

Kijk, het zit zo: de andere Nederlandse banken, overigens gedocumenteerd tegenstander van extra overheidsbezuinigingen, dragen 1 miljard euro bij aan de redding van SNS. Dat is per 2014. Maar als ik dat bedrag nu eens eind dit jaar incasseer? Dan vloeit er nog eens bijna 0,2 procent van het bbp in mijn begroting.

Alles bij elkaar komen we dan op 0,8 procent van het bbp. Nu je bij deze zin bent aangekomen, zal je al hebben berekend dat het Nederlandse EMU-saldo in 2013 dan op 3 procent van het bbp, of iets lager, terechtkomt. Je weet dat je je huidige autoriteit over de Nederlandse begroting sinds 2009 ontleent aan de buitensporig-tekortprocedure die van start gaat als een lidstaat de 3 procent overschrijdt. Ik kan je dus meedelen dat ik formeel aan dat doel zal kunnen voldoen, en dat de procedure vervalt.

O ja: in 2014 zal het uiteraard allemaal anders zijn. Ik denk dat ik dan weer op een veel te hoog tekort afsteven. Maar dat zal pas laat worden vastgesteld door de gezamenlijke ministers van Financiën. Ik nodig je van harte uit om je procedure dan te herstarten. Dat houdt in dat we tegen die tijd een nieuw traject afspreken om weer ónder de 3 procent te komen. Maar dat gaat, als ik de regels creatief naar me toe buig, pas per 2015 in.

Voor 2014 kan ik dus grotendeels afzien van de haastige bezuinigingen die mij nu nog worden opgelegd in het kader van de lopende buitensporig-tekortprocedure. Want die komen, als ik al het bovenstaande samenvat, dan te vervallen.

Beste Olli, kijk uit je raam! De zon schijnt, het wordt eindelijk zomer. Rest mij jou en mijzelf een lange en onbekommerde vakantie te wensen. We gaan het er eens flink van nemen hier!

Hoogachtend, Jeroen Dijsselbloem, voorzitter Eurogroep

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.