Rolling Stones op Glastonbury: klassiek of overrijp?

Was het sherryrock van een bejaarde band? Of was het een verbroederend rock-’n-rollcircus van klassiekers? Het optreden van de Rolling Stones, dit weekend op het Britse muziekfestival Glastonbury, maakten de tongen los. Muziekcritici spraken van een ongeëvenaard feest, maar vele thuiskijkers lieten via Twitter weten dat de Stones hiervoor gewoon te oud werden.

Voor het eerst in vijftig jaar stonden de Stones op het immense popfestival (tachtig podia) in Glastonbury. In twee uur speelden ze twintig liedjes voor 135.000 toeschouwers, waaronder het nieuwe Glastonbury Girl, met Jagger (69) zingend vanaf drie catwalks. Het was blues en rock-’n-roll in mediumversnelling, waarbij de Stones scoren op présence en attitude. Ze openden met Jumpin’ Jack Flash en Jagger grapte na It’s Only Rock ’N Roll hoe de organisatie „hen eindelijk had gevraagd”. In de toegift zette een groot koor You Can’t Always Get What You Want in, waarna een opgewonden Satisfaction een uitroepteken plaatste achter dit Glastonbury-debuut.

Dat ze er nooit eerder stonden had niets te maken met geld, benadrukte organisator Michael Eavis. Volgens gitarist Keith Richards was het er gewoon „nooit van gekomen”.