Emerald en Wagner openen Summernights

Robeco SummerNights Gehoord: Concertgebouw A’dam 29/6, Caro Emerald; 30/6, Brahms/Wagner.

„Jezus”, zei Caro Emerald toen ze de beroemde Concertgebouwtrap was afgedaald, „nu ben ik dus echt een ster.” Emeralds zomerliedjes, begeleid door haar band en het Metropole Orkest, vormden een passende opening voor de Robeco SummerNights (voorheen Zomerconcerten). De zomerprogrammering is in een kwarteeuw uitgegroeid tot een begrip, met een mix van klassiek, pop, jazz en wereldmuziek – en voor de lichtere genres dit jaar meer ruimte dan ooit.

Badend in floodlights leek de Grote Zaal zaterdag wel Paradiso. Gitarist Wieger Hoogendorp onderscheidde zich met een flitsende Hot Club de France-solo en Elvisachtig voetenwerk. Aan het einde van Emeralds show sprong de hele zaal op om te dansen op megahit A night like this.

Gisteravond hadden de versterkers en lichtstellages plaatsgemaakt voor het Radio Filharmonisch Orkest onder Mark Wigglesworth. In Brahms Dubbelconcert soleerden violiste Liza Ferschtman en cellist Nicolas Altstaedt voortreffelijk, met grote vanzelfsprekendheid en eenheid van uitdrukking. Meteen al in de dubbele cadens van het montere Allegro krulden hun tonen lenig om elkaar heen en die betovering hielden ze vast tot in de gekruide finale. Hun toegift, het tegendraadse tweede deel uit Ravels Sonate voor viool en cello, karakteriseerde Ferschtman droogkomisch als ‘een potje tennis’.

The Ring, an orchestral adventure heet het arrangement dat slagwerker/componist Henk de Vlieger in 1991 maakte van Wagners operacyclus. De manier waarop hij vijftien uur muziek heeft ingekookt tot een uur is bijzonder knap. Door de bezuinigingen op het Muziekcentrum van de Omroep verliest De Vlieger (1953) zijn baan als slagwerker in het Radio Filharmonisch, dat hem hiermee een prachtig afscheid gunde.