China zoekt naar een alternatief voor harde repressie in Tibet

De aanwijzingen groeien dat Beijing bezig is zijn Tibetbeleid aan te passen. Mag de dalai lama alsnog naar huis en begint er een dialoog met hem?

Waait er na de wisseling van de macht in Beijing een nieuwe wind in de Tibetaanse kloosters en dorpen in China? Riskeren Tibetanen die het portret van de goddelijke dalai lama op het dressoir of het altaar zetten niet langer arrestatie?

Met enkele grote slagen om de arm lijkt er inderdaad sprake van een bescheiden koerswijziging in het beleid van de Communistische Partij van China in de Tibetaanse Autonome Regio (TAR) en in de Tibetaanse prefecturen in enkele, aangrenzende Chinese provincies.

Kloosters in Lhasa en Darm in Tibet zelf en in de provincie Qinghai mogen volgens de in Londen gevestigde organisatie Vrij Tibet en volgens monniken in Tongren de foto’s van de dalai lama weer openlijk vereren. In Lhasa zou het gaan om het Gaden-klooster, in Tongren om de kloosters van de Thangka-schilders.

Een van deze schilderende monniken bevestigde vandaag, desgevraagd, dat de lokale politie al enkele weken niet meer optreedt als hij in het Tongrenklooster het portret van zijne heiligheid openlijk vereert in het bijzijn van andere monniken en toeristen, veelal Han-Chinezen.

Volgens de Tibetaanse website Khanda.org en de Tibetaanse, in New York woonachtige journalist Tsering Namgyal is er in sommige Tibetaanse gebieden bij wijze van experiment een koerswijziging ingezet. Tibetanen hoeven de dalai lama niet langer te bekritiseren als „een wolf in de pij van een monnik” en ze mogen hem „respecteren en volgen als een religieus persoon”, zo citeert de Tibetaanse journalist een document van de Chinese overheid. Zij mogen hem alleen eren als een religieus persoon en „niet in termen van politiek”. Want, zegt de tekst, „politiek en religie dienen verschillende doelen”.

In Beijing wordt door het Bureau voor Religieuze Zaken deze vermeende koerswijziging afgedaan als „geruchtenvorming”. Dat is voor de Tibetanen geen goed signaal, maar zegt nog niet alles. Dat er in elk geval in de partij wordt nagedacht over de effectiviteit van het bestaande repressieve beleid bleek eerder deze maand uit een vraaggesprek met professor Jin Wei, directeur van het departement voor religieuze en etnische zaken van de Centrale Partijschool, in een Hongkongs blad. Jin verraste met haar analyse dat het beleid van de Chinese autoriteiten een nieuwe „creatieve aanpak” behoeft.

Zij stelt vast dat het demoniseren van de dalai lama en het onderdrukken van de Tibetaanse cultuur de problemen met de Tibetaanse minderheid heeft verscherpt, niet opgelost. Het probleem is uitgegroeid van een „tegenstelling tussen de centrale regering en de dalai lamakliek tot een etnisch conflict tussen Han-Chinezen en Tibetanen”.

Zij oppert religie en politiek van elkaar te scheiden, te onderhandelen met de dalai lama over zijn opvolger en de bijna 78-jarige monnik tot China toe te laten, te beginnen in Hongkong en Macau. In feite pleit Jin voor meer tolerantie ten opzichte van de Tibetaanse religie, waarin de dalai lama als de hoogste spirituele leider een hoofdrol speelt.

Tot voor kort was het leidende idee in Beijing dat het Tibetaanse probleem zich vanzelf zal oplossen als de huidige dalai lama overlijdt en een door China aangewezen monnik hem opvolgt. Directe aanleiding voor Jin, die regelmatig de hoogste leiders van de partij in haar collegezaal heeft, om een nieuwe aanpak te bepleiten zijn de 120 zelfverbrandingen waarmee vooral jonge Tibetanen protesteren tegen de onderdrukking van hun cultuur en het gebrek aan kansen. Of Jin, die geen concessies voorstaat als het om de Tibetaanse politieke autonomie-eisen gaat, in de pas loopt met de nieuwe Chinese leider Xi Jinping is onbekend. Tot nu toe heeft Xi in zijn openbare speeches met geen woord over Tibet gerept. Interessant is wel dat zijn vader, een van Mao’s topgeneraals, goed bevriend was met de dalai lama. Xi senior kreeg ooit een horloge cadeau van de dalai lama.

In tegenstelling tot zijn voorganger, de pas gepensioneerde Hu Jintao, heeft Xi nooit gewerkt in de Tibetaanse gebieden. Hu was voordat hij tot de hoogste regionen doordrong partijsecretaris in de Tibetaanse Autonome Regio en in 2008 onderdrukte hij als president/partijleider met harde hand een Tibetaanse opstand. De repressieve koers heeft in Beijing talrijke aanhangers.