Column

Boegbeeld

Hanneke van Tol meldde zich met de mededeling dat de gemiddelde Nederlander per jaar vijftig kilo bruikbaar voedsel in de vuilnisbak gooit. We vonden het alle twee een schande. Aan het eind van het gesprek was ik benoemd tot ambassadeur/boegbeeld van Damn Food Waste, een evenement tegen voedselverspilling. Ze ging me later ook nog telefonisch interviewen voor de website, dan kon ik wat ‘tips & tricks’ delen.

Toen ze had opgehangen vroeg ik me af hoe die Hanneke in godsnaam bij mij terecht was gekomen, ze had duidelijk geen flauw benul van hoe ik met eten omging, maar tegelijkertijd voelde het ambassadeurschap als een grote stap. Eindelijk ging ook ik iets goeds doen.

Twee dagen voor het evenement belde Hanneke weer, ze waarschuwde dat ze meeschreef. Ik zei toen dat mensen in de supermarkt alleen maar dingen moesten kopen die ze echt nodig hadden en dat ze eten wat ze over hadden moesten invriezen.

Hanneke vond het ‘hele goede tips’.

Zaterdag meldde ik me bij het evenement op het Museumplein.

Ik had me extra netjes aangekleed, want ambassadeur/boegbeeld, en keek naar de mensen die in de rij stonden voor een gratis bordje curry, bereid van weggegooid of afgekeurd voedsel. Het barstte van de vrijwilligers die geen benul hadden wie ik was.

„Ik ben jullie ambassadeur”, zei ik.

Ik werd naar Renée Hendrickx gesleept, een vrouw in een vale spijkerbroek. Renée coördineerde alle ambassadeurs/boegbeelden. Ze bood me een kopje koffie aan dat ze hadden gekregen van het Concertgebouw en opnieuw hadden opgewarmd. Mijn naam was met stift op een stuk karton geschreven. Mijn ambassadeurschap verloor zijn glans. Van de andere boegbeelden kende ik alleen Eva Hoeke, toevallig mijn vriendin.

Renée sprak van ‘een heel mooi rijtje’.

Ze raadde me aan om over het terrein ‘te fladderen, te proeven en te genieten’. Mocht zich een journalist melden die een statement van me wilde dan speurde ze me meteen op. Ze kon alvast zeggen dat De Telegraaf geen interesse had. Ze had me aangeboden – ‘Kijk, daar staat een van onze ambassadeurs, Marcel van Roosmalen’ – maar hij had de schouders opgehaald.

Ik liep er die middag wat verloren bij en werd links en rechts ingehaald door anderen die wel wisten hoe ze hun ambassadeurschap moesten uitventen. Staatssecretaris Sharon Dijksma van de PvdA meldde zich spontaan en stiefelde meteen door naar de microfoon op het hoofdpodium. Daar maakte ze heel duidelijk dat er in huize Dijksma geen voedsel werd verspild, ze aten daar echt alles op. Van broodkruimels van oud brood bakte ze met haar kinderen koekjes.

Als boegbeeld/ambassadeur had ik nog een lange weg te gaan.