Advies aan Teeven: verruiming regels verblijfsvergunning niet nodig

Fred Teeven in de Tweede Kamer. Foto ANP/Martijn Beekman

De verruiming van de regels voor het verkrijgen van een verblijfsvergunning voor mensen die uit Nederland weg willen maar niet kunnen, is niet nodig. Dit adviseert de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ) aan staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie, VVD) in een advies dat vanmiddag verschijnt: Waar een wil is, maar geen weg.

De verwachtingen rondom dit advies waren hooggespannen. PvdA-leider Diederik Samsom beloofde eerder zijn achterban een verruiming van de voorwaarden, in ruil voor de steun van zijn fractie aan het strafbaar stellen van illegaliteit. “We gaan die regeling anders inrichten”, zei hij. De VVD is juist tegen een verruiming van de criteria.

‘Bestaande regels moeten nauwkeuriger toegepast’

De commissie adviseert wel om de reeds bestaande regels nauwkeuriger toe te passen. Daarnaast stelt de commissie een tijdslimiet van een jaar voor. Mensen die serieus een jaar lang hebben geprobeerd om aan reisdocumenten te komen en daarbij een aantal verplichte stappen hebben doorlopen, moeten daarna een verblijfsvergunning krijgen. Het is mogelijk dat daardoor meer mensen in aanmerking zouden komen voor een verblijfsvergunning, mogelijk gaat dat om enkele tientallen.

Als de staatssecretaris het advies opvolgt, maakt dat het asielbeleid niet ‘humaner’, hetgeen de PvdA graag had gewild. Volgens Adriana van Dooijeweert, voorzitter van de ACVZ, hebben humaner asielbeleid en de regels voor een buitenschuldvergunning weinig met elkaar te maken.

“Steeds werd de link met de Vluchtkerk gelegd. Maar als je politiek iets wilt met mensen die uitgeprocedeerd zijn, maar niet meer weg willen omdat ze geworteld zijn, of te ziek of te kwetsbaar zijn, dan moet je niet de buitenschuldregeling hebben. Dan moet je bijvoorbeeld naar een ruimere invulling van de discretionaire bevoegdheid van de staatssecretaris kijken.”

Terphuis: ik houd Samsom aan zijn belofte

Als het kabinet alleen de aanbevelingen van de ACVZ over het buitenschuldbeleid overneemt, is Sander Terphuis niet tevreden en is in zijn ogen niet aan zijn motie voldaan. Op de vraag of de PvdA de criteria voor buitenschuldbeleid verder zou moeten versoepelen dan de Adviescommissie voor Vreemdelingen aanbeveelt, zei Sander Terphuis: “Daarop moet het antwoord ja zijn. Ik houd mijn partijleider aan zijn belofte.”

De Haagse PvdA’er die het verzet in de partij aanvoerde tegen de steun aan stafbaarstelling van illegaliteit, was vanmiddag aanwezig bij de persconferentie van de ACVZ over buitenschuldbeleid. Dat is bedoeld voor mensen die wel terug willen naar hun land van herkomst, maar niet terug kunnen. Terphuis “had natuurlijk gehoopt dat de ACVZ een soepeler beleid zou voorstellen”, zei hij na de presentatie van de ACVZ. Wel ziet hij aanknopingspunten in de adviezen. De adviescommissie zegt onder andere dat de Nederlandse overheid duidelijker moet maken wat ze van vreemdelingen verwacht, als zij moeten aantonen dat ze niet terugkunnen naar hun land van herkomst.

‘Terugkeer en Vertrek moet meer voor vreemdelingen doen’

Terphuis vindt net als de ACVZ dat er geen uitbreiding van de doelgroep moet komen voor het buitenschuldbeleid. Maar in tegenstelling tot de commissie vindt Terphuis dat er minder voorwaarden aan vreemdelingen gesteld moeten worden om in aanmerking te komen voor zo’n vergunning. “De Dienst Terugkeer en Vertrek zou veel meer moeten doen om de vreemdelingen te helpen, in plaats alle bewijslast bij de vreemdeling neer te leggen.”

Staatssecretaris Teeven komt in de zomer met een beleidsreactie op het advies van de ACVZ. De PvdA reageerde schriftelijk: “De PvdA gaat het gesprek graag aan met de staatssecretaris om de verbeteringen aan te brengen.”