Marcels geheime neveninkomsten

De kasbeheerder van Vestia hield zijn miljoenenhandel met een tussenpersoon verborgen voor de rest van de woningcorporatie. De Franse bank Société Générale hielp in 2011 ook mee de tussenpersoon uit contracten te houden.

Marcel de V. heeft in het voorjaar van 2011 een beetje de zenuwen. Hij is de kasbeheerder (treasury manager) van Vestia. Hij sluit de derivatencontracten met internationale banken waarmee de woningcorporatie zich indekt tegen renteschommelingen op leningen. Het is big business. De kasbeheerder heeft in één jaar zoveel contracten afgesloten dat de omvang van de derivatenportefeuille is verdubbeld tot bijna 24 miljard euro.

Maar daar is Marcel in april 2011 niet zenuwachtig over als hij Arjan G. mailt. Arjan werkt bij het financieel adviesbureautje Fifa Finance in Laren. Hij verzorgt voor Marcel de contacten met banken waar Vestia zaken mee kan doen, bijvoorbeeld met de Franse bank Société Générale. Over die bank gaat het berichtje dat Marcel aan Arjan op 13 april stuurt. Een dag eerder kreeg Vestia een mail van de bank. Of Vestia de nieuwe en goede contracten wilde tekenen, waarin ook de fees of betalingen aan Arjan als „broker”, ofwel oliemannetje, stonden vermeld.

Een administratief medewerkster van Marcel had de Franse bank meteen teruggemaild dat ze het niet begreep. Een contract waarin stond dat Vestia via een tussenpersoon zaken deed met Société Générale? Dat kon niet kloppen, dacht ze. „We tekenen deze niet, omdat wij helemaal geen gebruik maken van een broker”, mailde ze. „Misschien heeft u een vergissing gemaakt en is dit contract voor een andere klant?”

Maar Marcel is er niet gerust op. Want het is geen vergissing van de Franse bank. De rol van Arjan als tussenpersoon is bij Vestia alleen niet bekend. Het is zeker niet de bedoeling dat die rol van Arjan in een contract met Société Générale komt te staan. Daarom stuurt Marcel de mail van de Franse bank aan Arjan door. „Ter info”, zet hij er bij.

Arjan mailt Marcel terug. „Neem aan dat het nu geregeld is.”

„Ik hoop dat soc gen niet raar reageert”, schrijft Marcel.

„We leggen wel uit dat de back-office (van Vestia, red.) dat niet weet”, reageert Arjan weer.

„Ok, zal wel los lopen”, besluit Marcel de mailwisseling.

Maar Arjan mailt voor de zekerheid ook nog even zijn contactpersoon bij Société Générale. „Heb jij met je back-office contact opgenomen omtrent de bevestiging van de fee betaling? Marcel belde me nog of het geregeld was.” Een dag later laat de bankier weten dat het in orde is. „Mee bezig. Marcel krijgt een nieuwe confirmatie opgestuurd.”

Daarop laat Marcel aan zijn eigen medewerkster weten dat er een nieuw contract van de Franse bank komt – zonder vermelding van Fifa als tussenpersoon. „Ik heb dit al geregeld”, mailt hij. „Dit contract kan je verscheuren.” Hoeft niet, mailt ze terug. Het idee van een tussenpersoon vond ze al zo gek dat ze het contract niet heeft uitgeprint.

Een jaar later worden Marcel en Arjan opgepakt op verdenking van omkoping en witwassen. Arjan wordt daarbij ook verdacht van belastingfraude. Volgens justitie kreeg Arjan miljoenen aan provisie voor de derivaten die banken via hem met Vestia afsloten. Een deel sluisde hij naar Marcel door. Zo zou Marcel een aardige bijverdienste hebben overgehouden aan de sociale huisvesting: justitie heeft voor 9,4 miljoen euro beslag gelegd op zijn bezittingen. Het onderzoek loopt nog.

De anekdote over Société Générale toont voor het eerst hoe Marcel en Arjan, met hulp van banken, Vestia onwetend hielden over hun handeltje – en soms bijna betrapt werden.

Zelf ging Vestia vorig jaar bijna ten onder aan de berg derivaten die Marcel had opgebouwd. Omdat de rente daalde door de eurocrisis, moest de corporatie volgens de contracten extra onderpand storten bij de banken. De betalingsverplichtingen liepen vorige zomer op tot boven de drie miljard euro; geld dat de corporatie niet had. Uiteindelijk kon Vestia de contracten met de banken afkopen voor 2 miljard euro.

Arjan stapte in het voorjaar van 2012 zelf naar justitie, toen de zaak groot in de media kwam. Hij wilde niet dat Vestia en de huurders van de corporatie de dupe werden van zijn handel, verklaarde zijn advocaat Willem Koops. Hij erkende dat hij een deel van zijn provisie-inkomsten voor Vestia tussen 2006 en 2010 naar Marcel de V. had overgemaakt. Dat hadden ze zo afgesproken. Topman Erik Staal en financieel directeur Kees Wevers wisten er niets van.

Marcel heeft tot op heden alle publiciteit gemeden. Zijn advocaat Ed van Liere wil nu niet reageren. Société Générale wil ook geen commentaar geven.

Bronnen rond het politieonderzoek vertellen dat Marcel wel heeft erkend dat hij een deel van Arjans provisie kreeg overgemaakt, ongeveer een derde. Maar Marcel ontkent dat dit met Vestia te maken had en dat hij Vestia heeft opgelicht. Sterker nog, hij heeft expliciet gezegd dat hij niets kreeg van Arjans provisies voor de contracten die Vestia afsloot. Dat hadden ze zo afgesproken.

Waarom Marcel dan wel geld kreeg van Arjan, heeft hij de politie uitgelegd. Hij adviseerde Arjan eind 2005, begin 2006 om niet de corporaties, maar de bánken te laten betalen voor zijn inspanningen als tussenpersoon. Dat scheelde de corporaties geld en dat was uiteindelijk weer goed voor Arjans zaken.

De politie heeft Marcel nog gevraagd of de banken dan niet gewoon hun provisie voor Arjan vervolgens doorberekenden aan de corporaties. Maar dat wist Marcel niet. Dat moesten ze maar aan de banken vragen, was zijn antwoord.

Dat hebben de opsporingsambtenaren in de zomer van vorig jaar ook gedaan. En volgens de verantwoordelijke bankier van Société Générale betaalde Vestia inderdaad meer wegens de fee die Arjan vroeg. De bankier heeft dit ook aan Marcel laten weten, zegt hij. In feite betaalde de corporatie gewoon voor Arjan, zo zei de bankemployee.

Het beleid van Société Générale was juist openheid naar corporaties over tussenpersonen, zei de bankier verder. Maar Marcel wilde eenvoudigweg geen contract tekenen waar Arjan als broker in stond. Uiteindelijk zwichtte de bank voor de druk, volgens de bankier. Vestia was een goede klant en er moest wel verdiend worden, natuurlijk.

De bankier kende Marcel ook persoonlijk. Ze lunchten en dineerden een paar keer op kosten van de bank. Marcel kwam ook een keer op bezoek bij de vestiging van de Franse bank in de Londense City; het vliegticket betaalde de bank niet.

Marcel erkent tegen de politie dat hij niet zeker wist of Arjan niet een deel van zijn Vestia-omzet aan hem doorbetaalde. Het was een mondelinge afspraak. Voor de neveninkomsten hij had speciaal een bankrekening geopend, die hij Inventus noemde. Dat betekende vindingrijk, legde hij uit. Op de rekening ontving hij in totaal zo’n 6 tot 7 miljoen euro, schatte hij. Daar betaalde hij vervolgens netjes 52 procent belasting over. Van het restant kocht hij naar eigen zeggen wijn, loste hij de hypotheek van zijn woonboerderij in Hazerswoude af, betaalde zijn scheiding en kocht nog een pakketje aandelen.

Volgens zijn arbeidscontract had Marcel toestemming moeten hebben voor neveninkomsten. „Daar is niets van teruggevonden”, zegt interim-bestuurder Gerard Erents van Vestia desgevraagd. „Als hij belasting heeft betaald is dat wel slim, want dan kunnen ze hem niet beschuldigen van belastingontduiking.”

Arjan heeft er tegen de politie geen enkel misverstand over laten bestaan. Hij betaalde Marcel omdat die had gezegd ook wel een andere tussenpersoon in te kunnen huren. Arjan had zijn succes en de bijbehorende inkomsten voor een groot deel aan Marcel en de banken te danken. En dus betaalde hij de kasbeheerder van Vestia.