Opinie

Stigma

In de jaren zeventig had je die poster van de Stichting Pandora: ‘Ooit een normaal mens ontmoet? En…, beviel ’t ?’ Nu stond ik in Amsterdam bij de presentatie van een nieuwe campagne van SIRE, waarmee ze opnieuw mensen met een psychische aandoening willen emanciperen, maar nu heet het „bevrijden van een stigma”.

SIRE maakt dezelfde gevaarlijke denkfout als Pandora destijds: weer moeten we alle geesteszieken normaal vinden, maar nu met hulp van een telefonische hulplijn en spotjes. Met daarin mensen die lijden of leden aan een psychische aandoening, maar zo mogen we het niet noemen, want dat is stigmatiserend. Daarom heten ze ‘ambassadeurs’. Zoals Gijs Hovers, die autisme heeft. Daarvan merk je inderdaad niets. Dus ik vroeg hem of het soms een lichte vorm van autisme was. Die vraag vond Gijs „op zich weer heel stigmatiserend”. Gijs „gelooft niet” in licht of zwaar autisme.

Dan de telefonische hulplijn. Dit is een hulplijn voor mensen zónder psychische aandoening. De bedoeling is dat die gaan bellen om te vragen hoe je om moet gaan met mensen mét psychische problemen: áán mensen met psychische problemen. Bij de presentatie gisteren vonden ze die omkering enorm leuk. Ha, ha, ha! We stonden in restaurant Freud in de Spaarndammerstraat. De directeur van SIRE vond het als ideële reclameman ook heel fijn dat op deze plek „conceptueel de cirkel rond was”: bij Freud werken namelijk mensen die kampen met geestesziekten.

Een van hen stond achter de bar: Lisette van den Berg (32). Terwijl de reclamemensen verderop nog meer pret maakten („Eigenlijk heel gek dat we hier niet normaal over kunnen doen, ha ha!”) vertelde Lisette zacht dat ze vroeger gewoon student geneeskunde was – tot zich bij haar schizofrenie openbaarde. Zij lijdt soms aan psychosen, was al eens een half jaar opgenomen in de Valeriuskliniek. Ik zei dat ik al dat ‘normaliseren’ van geesteszieken verkeerd vind. „Dat is waar”, zei Lisette prompt.

Kort daarvoor had een ‘ambassadeur’ tegen de enthousiaste reclamemensen gezegd: „Iemand die psychisch lijdt kan hartstikke goed een vader- of moederrol vervullen!” Wat vaak klopt, maar vaak ook niet. Daarom is het gevaarlijk om meteen maar íedere psychische gesteldheid te bagatelliseren, zoals SIRE nu doet. Dat is van kanker een verkoudheid maken.

Lisette begreep me woordeloos. Zij besloot daarom geen kinderen te krijgen, zei ze, al zou ze die heel graag willen. Het stigma kende ze wel, nota bene haar medestudenten geneeskunde lieten haar vallen. Ze vond het dus prettig dat SIRE het voor haar opnam. „Maar het is van levensbelang te accepteren dat een psychische ziekte níet normaal is, maar juist heel apart”, zei Lisette. „Alleen dan is er echt hulp.”

Margriet Oostveen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Arjen van Veelen.