Financiële chaos in Europa wil niemand erbij hebben

Zonder een begroting voor meerdere jaren zou de Europese Unie geen beleid kunnen maken. Net op tijd lijkt er toch overeenstemming te zijn.

Er is weer hoop dat de Europese Unie toch, net op tijd, een meerjarenbegroting krijgt voor de komende zeven jaar. De 27 Europese regeringsleiders namen vannacht een aantal obstakels weg voor de goedkeuring van de meerjarenbegroting voor de periode 2014-2020. Daarmee is een episode van budgettaire chaos mogelijk afgewend.

Ook werd vannacht een al maanden broeiend conflict, over geld, tussen Londen en Parijs beslecht. Dat ging over de berekening van de Britse korting op ’s lands contributie aan Europa. De Britten vreesden dat landbouwhervormingen die berekeningen, en dus het bedrag zelf, in hun nadeel konden veranderen. Uiteindelijk moest Parijs inbinden en bleef de Britse korting gelijk. „Vandaag hebben we besloten geld in te zetten om onze beloftes waar te maken,” zei José Manuel Barroso, als voorzitter van de Europese Commissie die verantwoordelijk is voor de inkomsten en uitgaven van de EU.

De Europese begroting 2014-2020 zat al maanden klem tussen de regeringsleiders en het parlement. De regeringsleiders besloten in februari om, voor het eerst in de historie, vanwege de crisis de begroting te verlagen tot 908 miljard euro – iets minder dan 1 procent van het Europese bbp. Het parlement wilde deze verlaging alleen accepteren als de regeringsleiders dan eindelijk een aantal niet-financiële veranderingen zouden goedkeuren. Zo wilde het parlement meer flexibiliteit om zonodig geld tussen potjes heen en weer te schuiven, plus een ‘review’ halverwege de rit van de meerjarenbegroting, om tussentijds dingen te kunnen bijsturen. Dat kan nu allemaal niet, waardoor Europa financieel uiterst log is. Ook eiste het parlement een onderzoek naar zogeheten ‘eigen inkomsten’ voor de Europese begroting, zoals heffingen en dergelijke. Omdat belastingen alleen nationaal worden geheven, draait de Europese begroting nu grotendeels op bijdragen van lidstaten. Die zitten daarmee met hun hand op de Europese geldkraan. Regeringen vrezen dat ze die greep op de Europese begroting kwijtraken als Europa eigen inkomsten krijgt. Deze thema’s waren voor de lidstaten lang onbespreekbaar.

Gisterochtend gaf de Ierse premier Enda Kenny, die namens de regeringen onderhandelde met het parlement, parlementsvoorzitter Schulz op al deze punten iets meer dan voorheen. Zo komt er meer flexibiliteit, maar alleen op sommige kleinere kostenposten. En het parlement mag onderzoek doen naar eigen inkomsten voor Europa, maar elk besluit daarover moeten de lidstaten unaniem goedkeuren. Parlementsvoorzitter Martin Schulz accepteerde deze compromissen, tot verbazing van veel betrokkenen. De 27 regeringsleiders keurden ze gisteravond ook goed. Het parlement moet er volgende week over stemmen. Of de meeste fracties Schulz steunen, is niet zeker.

Zonder meerjarenbegroting zou de Europese Unie moeilijk te besturen zijn. De Unie zou wel geld hebben, maar in porties van steeds één jaar: steeds één-zevende van de bestaande, hogere meerjarenbegroting. Dan waren de lidstaten duurder uitgeweest. Grote langlopende projecten beginnen, zoals bruggenbouw of universitair onderzoek, was vrijwel onmogelijk geweest. Eigenlijk zou er dan geen beleid te maken zijn, behalve op korte termijn. Niemand wil dit, middenin een recessie.

Als het parlement komende week de begroting goedkeurt, is één project in elk geval gered: regeringsleiders willen de 6 miljard euro die ze de komende zeven jaar zouden spenderen aan werkgelegenheidsprojecten voor jongeren, meteen al de eerste twee jaar uitgeven. Gisteren besloten ze om daar, gezien de verontrustende cijfers over de stijgende jeugdwerkloosheid, 2 miljard bovenop te doen.