Wandelende orang oetans

De orang oetan staat er om bekend dat hij bijna zijn hele leven in de bomen doorbrengt, maar uit een proef met automatische camera’s in Noordoost-Borneo blijkt nu dat de daar levende orangs relatief bijna even vaak op de grond gefotografeerd worden als de ‘echt’ op de grond levende lampongapen. En er is geen verband met de dichtheid van de bomen: de mensapen waren niet gedwongen om te gaan lopen. De betrokken onderzoekers concluderen in American Journal of Primatalogy (online, 19 juni) dat leven op de grond in ieder geval in het onderzochte Wehea-woud vrij normaal is, maar waarschijnlijk ook elders. Het zou meer kans op overleven beteken als delen van hun bos zijn omgehakt. Open plekken zijn misschien minder erg. (NRC)