Federer voelt zich juist gesterkt na nederlaag

Met zijn slechtste prestatie op Wimbledon sinds 2002 is het de vraag hoe het verder moet met de carrière van Roger Federer, één jaar na zijn zevende titel op het Londense gras.

Op Wimbledon, waar hij in 2002 als twintigjarige jongen met paardenstaart in de eerste ronde werd uitgeschakeld door de nog jongere Mario Ancic, zat hij tien jaar lang bij de laatste acht.

Door zijn uitschakeling gisteravond in de tweede ronde, tegen Sergiy Stakhovsky, de Oekraïense nummer 116 van de wereld, kwam er een einde aan een reeks van 36 optredens in kwartfinales van grandslamtoernooien. De ongeëvenaarde serie gold tot nu toe als symbool van het constante prestatieniveau van de Zwitser.

Federers heerschappij op de grandslamtoernooien was al ten einde: de afgelopen drieënhalf jaar won hij alleen vorig jaar op ‘zijn’ Wimbledon. „Ik ben nog steeds van plan vele jaren te spelen”, zei hij na zijn nederlaag.

„A ls je vroeg uit het toernooi ligt, denken mensen dat er iets is veranderd. Dat is altijd zo”, zei Federer. Hij wordt in augustus 32 wordt en nam dit jaar ongebruikelijk veel rust. Hij won pas één toernooi. „Ik zal hier sterker uitkomen.”

Oud-kampioen John McEnroe sprak van de „meest idiote dag op Wimbledon – ever”, nadat eerder die dag de als tweede en derde geplaatste Victoria Azarenka (die opgaf) en Maria Sjarapova het vrouwentoernooi al vroeg moesten verlaten. Verschillende glijpartijen ontsierden de woensdag. In totaal gaven zeven spelers op met een blessure, een recordaantal. Onder hen Jo-Wilfried Tsonga, de Franse nummer zeven van de wereld. Zeven spelers die ooit nummer één van de wereld stonden, werden in hun tweede rondepartij uitgeschakeld.

En Federer blijft voorlopig steken op zeven Wimbledontitels.