Opinie

Waarschuwing

Mag je gehandicapten slaan? Liever niet natuurlijk, maar staatssecretaris Jetta Klijnsma moet oppassen.

Een jaar geleden tijdens de verkiezingscampagne liep ik een dagje met haar mee. De scootmobiels vlogen als vliegen op de sociale, gehandicapte running mate van Diederik Samsom af. Toen ze even alleen was kreeg de duwer van haar rolstoel een uitbrander.

„Je moet me naar de mensen toe duwen, Koen!”

Op deze plek wil ik haar voor de volgende campagne alvast waarschuwen voor mijn goede vriend B., die ik gisteren bij toeval ontmoette in de kroeg om de hoek.

Hij was werkloos en verbitterd geraakt.

Statistisch gezien had het natuurlijk al veel eerder moeten gebeuren dat ik een echte werkloze in mijn kenniskring mocht begroeten, maar de meeste werklozen die ik ken zijn zzp’ers die klagen over te weinig opdrachten.

B. – 53, hoogopgeleid, twee kinderen – was er na een reorganisatie uitgevlogen en had naar eigen zeggen in drie maanden tijd zo’n driehonderd sollicitatiebrieven verstuurd. Daarnaast bracht hij door de omstandigheden gedwongen teveel tijd op het internet door.

Eens in de zoveel tijd las hij daar interviews met andere werklozen, die in een vergelijkbare situatie zaten. Wat hem opviel waren de reacties, de meedogenloosheid van de Nederlander.

Een foto van een zielige hond riep meer empathie op dan het verhaal van een hoogopgeleide werkloze. Die moesten van de gemiddelde Nederlander zo snel mogelijk aan de slag. Niet goedschiks, dan maar kwaadschiks.

‘Schoonmaakwerk zat.’

‘Bezem in de poten douwen en werken kreng!’

‘Ga iets doen voor je centen.’

‘Steek je handen uit de mouwen, in plaats van hand op houden.’

De rest van de tijd werd gevuld met een woedend betoog over Jetta Klijnsma, die het plan had gelanceerd werklozen eerst vier weken zelf naar een baan te laten zoeken voordat ze recht hadden op een bijstandsuitkering.

Jetta was de druppel die de emmer deed overlopen, juist omdat ze bekend stond als ‘het sociale gezicht van de PvdA’.

Echt gezellig wilde het niet meer worden.

Ik stond op, rekende af en zei dat ik aan het werk moest, gezien de situatie geen al te slimme opmerking.

Thuis dacht ik aan het gelijk van Rob de Wijk, die juist die ochtend waarschuwde dat we nog maar een paar ingrepen af waren van het moment dat de mensen in Nederland ook de straat op zouden gaan.