‘Niemand is voor brandnetels’

Na het grote succes van Marktplaats, flopte het brandnetelkledingbedrijf Netl van Bob Crébas. „Op brandnetelkleding zit niemand te wachten.”

Bob Crébas: „Misschien bleven de brandnetels een negatieve associatie oproepen.”
Bob Crébas: „Misschien bleven de brandnetels een negatieve associatie oproepen.” Foto Lars van den Brink

Een jaar na de verkoop van Marktplaats, waarmee Bob Crébas zo’n 80 miljoen verdiende, voelde hij zich geroepen in brandnetelkleding te stappen. Brennels heette het bedrijf bij de oprichting in 2005. Vorige maand ging het onder de naam Netl ten onder. In acht jaar tijd is er nooit winst gemaakt. Crébas denkt dat hij zo’n 8 miljoen euro heeft verloren.

Nadat hij jarenlang over zijn succes Marktplaats vertelde, is dit zijn interview „over iets negatiefs”. „Netl is mijn grootste flop; groter heb ik ze niet gemaakt. Slecht nieuws hoort ook bij het leven. Daarom dacht ik: ik moet dit doen. Het is eerlijk en erover praten scherpt mijn denken. Het is permanent zoeken en bijstellen.”

Op zijn veertigste verdiende Bob Crébas – nu 61 jaar – zijn eerste echte boterham. Daarvoor zat hij voornamelijk in de bijstand. Baanloos zijn was een levensovertuiging. Alleen de dommen werkten, je moest iets zinnigs doen. „Muziek maken enzo.” Ja, Bob was een hippie, zegt hij. Zijn zonen heten Frank (en vrij) en Robin (Hood).

Op een gegeven moment werd hij er een beetje flauw van om telkens overal tegen te zijn. „Laten we ergens vóór zijn, zei ik tegen mijn vrouw.” Dat werd duurzaamheid en hergebruik.

Crébas zette Het Goed op, een keten van kringloopzaken. Het bleek de voorloper van Marktplaats. In 1999 kocht hij met compagnons marktplaats.nl voor 550.000 gulden. Binnen een paar maanden was de site het dubbele waard. De aanbieders bleven komen, hij sloeg ze allemaal af. Tot het Amerikaanse eBay zich meldde, met 225 miljoen euro. De familie Crébas hield daar bijna 80 miljoen aan over.

Waarom het Netl zo anders verging dan Marktplaats, weet Crébas niet goed. Nou ja, hij heeft wel een idee: „Duurzaamheid verkoopt niet.” Hij noemt hun winkel in Arnhem – die al eerder dichtging – waarvoor veel media-aandacht was, allemaal positief en in goede bladen, „maar geen klant die er winkelde”. „Prijs, prijs, prijs, dat verkoopt in tijden dat modeketen Primark leidend is. Wij verkochten in onze winkel tientallen duurzame merken en ik heb er ook tientallen onderuit zien gaan. Zelfs als ze allerlei prijzen hadden gewonnen.”

De flop is dat klanten zijn product niet willen, zegt Crébas. Hij vindt: je moet winst maken om te laten zien dat je nodig bent. „De samenleving had een kringloopzaak nodig, en de samenleving zat te wachten op Marktplaats. Op brandnetelkleding zit niemand te wachten. Dan kan ik wel vinden dat het een mooi product is en ik kan er een goed verhaal bij vertellen, maar het wordt niet verkocht. Dat Netl geen succes is, is hetzelfde gevoel als wanneer je een wedstrijd verliest.”

Katoen is waardeloos, zegt Crébas, zoveel is zeker. Maar wat is wél goed? „Dure kleding is niet per se beter dan goedkope, dat wordt ook gewoon in landen als Bangladesh en China gemaakt. Er moeten meer natuurlijke vezels komen, dachten wij. Maar er komen juist synthetische vezels bij. De makers ervan zeggen: brandnetels zijn milieuvervuilend, omdat zij landbouwgrond nodig hebben. Ze vergeten dat microplastics van synthetisch textiel de zee vervuilen. De consument raakt verward. We weten het niet meer.”

Hij „is geen textieljongen”, maar kan zichzelf niets aanrekenen vindt hij. „We hebben er alles aan gedaan om een succes te maken van Netl. We hebben deskundigen van buiten gehaald, marketingbureaus ingezet en met G-star samengewerkt.” Zijn droom was de wereld een nieuwe vezel te geven. Dat is aardig gelukt, vindt hij, „maar misschien bleven de brandnetels een negatieve associatie oproepen. Hij prikt.”

Het allermooist is volgens Crébas om iets te maken, te scheppen. „Na de verkoop van Marktplaats dacht ik: en weer doorgaan. Mensen zeiden: waarom ga je niet op een bootje in Saint Tropez zitten? Maar als je een bestseller hebt geschreven, stop je toch ook niet met schrijven?”

Zodra het bedrijf in de beheersfase komt, is hij weg. „Mijn vader bleef tot zijn dood nieuwe aardappelrassen kweken. Toen hij op z’n 92ste overleed, lag zijn eerste aardappel bij Albert Heijn.”

Dat scheppen stopt niet. Zo is hij bezig om een landhuis te bouwen. Crébas zit in een band en schrijft graag; zijn autobiografie gaf hij zelf uit. Dan is er nog het natuurpark in de Noordoostpolder van 48 hectare, met bos en strand. „En ik beheer ons geld. Ik ben daar dagelijks één tot twee uur mee bezig.”

Of hij nou een boek schrijft, een onderneming opzet, of actievoert: Crébas wil beïnvloeden. „Ik heb een mening en die wil ik de wereld in schoppen. Daarom baalde ik zo van een kutrecensie die mijn boek kreeg. Dan verkoop je minder. De recensent vond dat er te weinig over Marktplaats in stond. Maar Marktplaats was maar vijf jaar van mijn leven. Tijdens de verkoop van Marktplaats aan eBay werden mijn twee kleinkinderen geboren, dat vond ik zoveel belangrijker dan die 80 miljoen.”

Misschien, mijmert hij, moet hij het verhaal van Netl nog op een rijtje zetten in een boek. „Mensen zeiden dat ik gek was met Het Goed, met die oude rommel. Met Marktplaats zou ik geen stuiver verdienen, dachten ze. Maar met de brandnetelkleding zeiden ze: het is die Crébas al twee keer gelukt, hij zal wel niet gek zijn. Ik zou een jaar in het gras moeten gaan liggen, mijn antennes uitzetten en bedenken waar de samenleving op zit te wachten.”