Ik wil de schoonheid van verval laten zien

In de rubriek Thuis& elke week een interview over familie en gezin.

In de laatste aflevering: modeontwerper Jan Taminiau.

Foto’s Roger Cremers
Foto’s Roger Cremers

Als kind kon Jan Taminiau (37) zijn creativiteit ten volle uitleven. Zijn ouders lieten hem begaan, ook toen hij het behang van de muren trok. Hij werd bekend toen Máxima in 2009 een creatie van hem droeg: een jasje gemaakt van oude postzakken. Op 30 april, tijdens de inhuldiging van Willem-Alexander en ’s avonds tijdens de koningsvaart, droeg Máxima een jurk van hem. Met zijn ouders, broers en zus zat hij die dag voor de televisie. „We zaten met zijn allen te huilen.”

Uit wat voor gezin komt u?

„Ik kom uit een Tilburgs ondernemersgezin met vier kinderen. Mijn vader had een drukkerij, net als zijn vader. Later begonnen mijn ouders een bedrijf dat kantoorunits verhuurde. Zij werkten de hele dag samen, maar elke avond dronken ze ook nog met zijn tweeën op de bank een fles wijn, en praatten. Ze zijn al die jaren van elkaar blijven houden. Vorige maand waren ze veertig jaar getrouwd.

„Mijn ouders hebben beiden een onconventionele, creatieve inborst. Het zijn levensgenieters, levenskunstenaars. Ze lieten mij en mijn zus en broers vrij om ons te ontwikkelen. Er stond een schommel in de voortuin, terwijl dat eigenlijk niet hoorde in onze buurt. Maar daar trokken ze zich niks van aan. Toen ik een jaar of tien was, had ik genoeg van het lichtblauwe behang met poppetjes op mijn slaapkamer. Het stukwerk dat eronder zat, beige met grijs, intrigeerde me. Ik scheurde het behang er helemaal af. Mijn ouders hadden geen enkel bezwaar, zo lang ik niet de volgende dag om nieuw behang zou vragen. Ik vond die kale muren prachtig. Later haalde ik ook het linoleum van de vloer.”

Speelde u veel met uw broers en zussen?

„Mijn zus Maartje, een jaar jonger dan ik, was het enige meisje in het gezin en een fijn object om mijn creatieve ideeën op uit te leven. Ik was altijd met de verkleedmand in de weer, en gebruikte haar als paspop en als model. We hielden fotoshoots en maakten een modetijdschrift. Op zeker moment had ik het idee dat ze een pony moest hebben, en knipte ik haar haar. ”

Wat is uw sterkste jeugdherinnering?

„De zolder boven de antiekzaak van mijn opa en oma, de ouders van mijn moeder. Daar speelde ik vaak met de oude spullen. Ik kon mezelf verliezen in de kristallen van een kapotte kroonluchter. In de zaak zelf mochten we alleen kijken, met de handen op de rug, want wat daar stond was handel natuurlijk. Ook in de salon moesten we voorzichtig zijn. Maar met de dingen op zolder mochten we vrijelijk spelen. Op zeker moment drong tot me door dat het afgedankte stukken waren. Afschuwelijk vond ik dat. Hoe kon een voorwerp dat honderden jaren overleefd had, en dat voor mij zoveel schoonheid bezat, niets meer waard zijn omdat er een stukje was afgebroken of een barst in zat?

„Die ervaring werkt door in de kleding die ik maak. Ik wil de schoonheid van verval laten zien. Ik hou van materiaal dat geleefd heeft, daardoor ben ik bijvoorbeeld die oude postzakken gaan gebruiken om jasjes van te maken. En antieke priestergewaden.”

Hoe zou u uw moeder omschrijven?

„Dat kan ik niet, daar zijn te weinig woorden voor. Wat moet ik zeggen? Mijn moeder is leuk, lief, de grootste schat van de wereld. Ze heeft altijd zoveel gedaan voor me, en nog steeds. In drukke tijden komt ze in het atelier helpen borduren, zoals ik haar vroeger als kind hielp bij haar patchwork. Ik mocht op school niet handwerken, dat was alleen voor de meisjes. De jongens gingen timmeren. Toen is mijn moeder op hoge poten naar school gegaan, ik weet niet waar ze precies mee gedreigd heeft maar sindsdien mochten alle kinderen timmeren én handwerken.”

Lijkt u het meest op haar, of op uw vader?

„Mijn vader en ik lijken extreem veel op elkaar. We hebben dezelfde manier van denken en communiceren, zijn op dezelfde manier creatief. We zijn allebei dyslectisch, qua lichaamsbouw zijn we gelijk. We begrijpen elkaar heel makkelijk en daardoor hebben we weinig woorden nodig.”

Wat is de les die u van uw ouders hebt meegekregen?

„Als je iets wilt, laat je niet weerhouden. Niet lullen maar doen.

„Toen ik met dit werk begon, zei men dat het onhaalbaar was, onnozel, dat Nederland niet zat te wachten op borduursels. Als ik daar naar had geluisterd, was dit er allemaal nooit geweest. Ik merk het vaak aan stagiairs, ze hebben een toekomstdroom maar durven het niet aan om daar werk van te maken. Dan realiseer ik me dat niet iedereen diezelfde bagage heeft meegekregen.”

Wanneer was de laatste familiebijeenkomst?

„Het veertigjarig huwelijksfeest van mijn ouders, vorige maand in Frankrijk. Daarvóór waren we bij elkaar op 30 april, in het huis van mijn zus in Loenen. Samen op de bank voor de televisie. Wekenlang had ik in het geheim gewerkt aan twee jurken voor Máxima. Mijn ouders, broers en zus hebben enorm met mij meegeleefd, niet alleen naar dit moment, maar ook al die jaren ervoor. Ze zijn erg betrokken bij mijn werk en helpen vaak mee. Mijn jongste broer Thijs kookt in drukke periodes voor iedereen hier, Maartje doet de financiën. Ze weten wat ik er allemaal voor heb moeten doen, en laten. Het was heel waardevol om zo’n hoogtepunt samen te kunnen delen. We zaten met zijn allen te huilen toen we Máxima het Koninklijk Paleis uit zagen komen.”

Viert u verjaardagen?

„Verjaardagen zijn heilig in onze familie. Mijn ouders hebben er altijd hard voor gewerkt om het gezin bij elkaar te houden. Dat gaat niet vanzelf: als kinderen in de puberteit komen, is alles belangrijker dan je familie. Mijn moeder kreeg op een of andere manier voor elkaar dat iedereen kwam opdagen op belangrijke momenten, zoals Kerst en Pasen. Intussen is het vanzelfsprekend. Ik kan niet overal bij zijn, maar ik compenseer dat op allerlei manieren.”

U heeft geen relatie. Mist u dat?

„Het lijkt me iets heel moois, als het de juiste persoon is en je vult elkaar echt aan. Maar ik heb een nogal extreme hobby waardoor de tijd me ontbreekt om iemand te vinden.”