Geen Nederlandse militairen naar Mali

Nederland draagt opnieuw geen militairen bij aan de Europese trainingsmissie in Mali. Dat heeft het kabinet gisteren bekendgemaakt. Het blijkt dat de missie volledig is gevuld „en dat aan een Nederlandse bijdrage nu geen behoefte bestaat”, schrijven de betrokken ministers aan de Tweede Kamer.

Defensie had tientallen militairen aangeboden om het Malinese leger te trainen of de Europese trainers ter plekke te beveiligen. Nederland is één van de weinige EU-landen die niet deelnemen aan de missie, bestaande uit 550 militairen. Alleen Cyprus, Malta, Slowakije, Denemarken en nieuwkomer Kroatië leveren ook geen troepen.

Voordat de missie in februari begon, kondigde het kabinet aan dat het deelname overwoog. Door onenigheid tussen de coalitiepartijen en trage besluitvorming kwam die toen niet tot stand. Nu de Europese troepen in het Afrikaanse land gewisseld moeten worden, heeft Nederland wel een concreet aanbod gedaan. In deze krant zeiden bronnen in Brussel begin deze maand al dat het lastig zou zijn om Nederlandse militairen in te passen. Toch werd toen nog geprobeerd om Nederland een rol te geven. Onduidelijk is waarom dat is mislukt.

Er gaat, zo melden de bewindspersonen in hun brief, wel een onderofficier naar Mali. Die wordt geplaatst in de staf van het Belgische detachement. Er zit nu nog een andere belangrijke Nederlander in Mali, Bert Koenders. Hij leidt de VN-vredesmissie in Mali. Daaraan overweegt Nederland op dit moment geen bijdrage.