Muurkunst in beweging

ZIEN // DUBBELEXPOSITIE PINK MOON, ORGANISING PRINCIPLES/ MWMW JAN VAN DER PLOEG T/M 11 AUG EN T/M 23 JULI. NASA / Galerie Gerhard Hofland, Amsterdam ****

Ze kunnen net zo min zonder elkaar als Fred Astaire zonder Ginger Rogers kon, Laurel zonder Hardy of Bonnie zonder Clyde. Jarenlang al demonstreert Jan van der Ploeg – de Nederlandse maestro van de muurschilderkunst – hoe innig het verband kan zijn tussen abstracte kunst en architectuur. Van der Ploeg, die tot ver over de landsgrenzen woonhuizen, musea, trappenhuizen, gangen en wachtkamers onderhanden neemt met acrylverf in soms heerlijke snoepkleuren, laat nu op twee tentoonstellingen zien dat het één (zijn werk) het ander (de architectuur) onbetwist nodig heeft.

Om met het meest imposante te beginnen: Van der Ploeg (1959) heeft bijna alle ruimtes in NASA vrij tot zijn beschikking gekregen. In de volstrekt lege tentoonstellingszalen, op de muren van het restaurant en bij de balie heeft hij soms wel 22 meter brede schilderingen gemaakt. Het is een symfonie van kleuren, strepen en abstracte vormen, die voor je ogen lijken te bewegen onder invloed van het wisselend binnenvallende zonlicht.

De zalen, die ieder hun eigen signatuur dragen, voegen zich met bordjes voor de nooduitgang, deurposten en stopcontacten net zozeer naar de muurschildering, als de muurschildering zich naar de zaal voegt. Zo verandert een tentoonstellingsgebouw tot een zelfstandig kunstwerk. In de ene zaal worden de ‘luiken’ als het ware opengegooid met formele rechthoeken in zwart en wit. De andere zaal dreigt uit haar voegen te barsten van het ijsblauw en knalroze.

In de galerie van Gerhard Hofland heeft Van der Ploeg autonoom werk opgehangen: twaalf tamelijk bescheiden op-art-schilderijen op doek. Het mooie van deze werken – allemaal uit 2013 – is dat ze zijn opgebouwd uit meerdere kleurlagen die door de dekverf heen schemeren. Je ziet het pas als je met je neus op het doek staat gedrukt. Dat maakt de aan Vasarely, Bridget Riley en andere op-art refererende doeken interessant, maar ook decoratief. Deze autonome schilderijen missen, ondanks de soms duizelingwekkende beweging, de vitaliteit die de muurschilderingen in alle glorie uitstralen. Het kan ook moeilijk anders: de schilderijen zijn niet bij een bepaalde ruimte uitgezocht maar bestemd voor iedere muur. Daarmee verbreken ze het verbond tussen kunst en architectuur dat Van der Ploeg elders juist zo meesterlijk smeedt.