Stadsmerel hoeft geen nieuwigheid

Merels die in de stad zijn geboren, zijn voorzichtiger dan merels die uit een plattelandsnest komen. Dat blijkt uit vergelijkingen tussen stads- en plattelandsvogels die al drie dagen na hun geboorte uit hun nest werden gevist en verder onder gelijke omstandigheden jarenlang in kooien zijn gehouden. Als in hun kooi een nieuw object werd neergezet, gingen plattelandsvogels snel kijken. De stadsvogels volgden gemiddeld pas 35 minuten later.

Er zijn al vaak verschillen gevonden tussen stadsdieren en dieren van het platteland, maar dit is de eerste keer dat zo systematisch is vastgesteld dat het om een aangeboren verschil in temperament gaat. Het hoeft niet per se een genetisch verschil te zijn, het kan ook door invloeden op de vroege embryonale ontwikkeling, schrijven Duitse biologen in een onderzoeksverslag dat het tijdschrift Global Chance Biology deze week online publiceert. Maar een ander onderzoek, dat Molecular Ecology in maart online zette, maakt wel waarschijnlijk dat het om genetische verschillen gaat. Daarin werden tussen stads- en plattelandsmerels duidelijke verschillen gevonden in precies een gen dat verband houdt met gevaarmijding, nieuwsgierigheid en migratieneiging.

De geringe nieuwsgierigheid van de stadsmerel houdt waarschijnlijk verband met de rijkere voedselvoorziening in de stad. Dat maakt het minder nodig zich in potentieel gevaarlijke omstandigheden te storten. De voorzichtige merels overleven daar ook wel. In armzaligere omstandigheden elders kan een gevaarlijke stap juist net het extra voedsel opleveren dat nodig is om te overleven.