Moerland kon de crisis niet weghouden bij zijn Rabo

Piet Moerland gaat in 2014 als baas van de Rabobank met pensioen. De kracht van de coöperatieve bank wordt steeds meer haar zwakte

Toen Piet Moerland in 2009 aantrad als topman van Rabobank, kon hij zich vermoedelijk geen betere plek wensen om aan de slag te gaan als baas van een bank. Rabobank was op dat moment in feite de enige grote financiële instelling in Nederland die onaangedaan bleef onder het geweld van de financiële crisis. Als een rots in de branding.

Alle andere grote financiële instellingen lagen toen reeds aan het infuus van de staat. ABN Amro, ING, SNS, Aegon. Rabo niet. Die kon haar eigen broek ophouden – iets waar Rabo zelf graag mee pronkte. Iedereen wilde zijn geld stallen bij de gezondste bank van Nederland. De toeloop was op sommige momenten zelfs zo hevig dat Rabobank in 2011 een aantal grote ondernemingen bereid vond om geld toe te leggen om bij haar te sparen.

Als Moerland in 2014 plaatsmaakt – gisteren kondigde hij zijn pensioen aan – laat hij zijn bank anders achter. Rabobank is nog steeds de sterkste bank van Nederland, de meest kapitaalkrachtige. Maar het is niet langer een bank die onaantastbaar is. Ook Rabobank heeft het zwaar. Eigenlijk, kun je zeggen, is Rabobank onverwachts óók slachtoffer geworden van de crisis. In de slotfase daarvan dan.

Dat is te zien in de winstgevendheid. In 2010 en 2011, de rampjaren voor veel banken, werden nog stevige winsten geboekt, maar vorig jaar daalde de winst fors. Die was nog steeds niet gering, maar de daling wás ingezet. 2013 wordt een nog somberder jaar, voorspelde Moerland begin dit jaar.

Rabobank kan niet ontsnappen aan hetzelfde gure economische klimaat dat alle banken geselt. Het herstel blijft uit. In het kielzog daarvan neemt het aantal faillissementen toe, vooral in sectoren waar Rabobank traditioneel sterk is, de land- en tuinbouw, de zee- en binnenvaart. De stroppen lopen op. In 2012 namen de afschrijvingen toe met ruim 700 miljoen euro, een stijging van 46 procent. Voor 2013 wordt minimaal hetzelfde verwacht. Het dieptepunt moet nog komen. Moerland zei eind februari dat er fors gesneden gaat worden in de kosten. Hij kondigde een grote reorganisatie aan.

De ironie is dat de eigenschap die Rabobank aan het begin van de crisis juist zo sterk maakte nú een zwakte is: Rabo’s unieke coöperatieve structuur. Die structuur houdt in dat de bank een conglomeraat is van allerlei kleine bankjes. Maar bovenal betekent het dat leden er de baas zijn: Rabo heeft geen notering aan de beurs.

Bij het uitbreken van de crisis was het ontbreken van die notering dé reden waarom iedereen zijn geld er wilde stallen. Bij Rabo werd de bank via de beurs niet leeggehaald. Er was geen ‘vertrouwenslek’. Andere banken werden kapot gespeculeerd.

Maar nu heeft Rabobank door het ontbreken van een notering moeite aan nieuw eigen vermogen te komen. Terwijl regelgevers juist steeds meer buffers willen zien. Andere banken kunnen kapitaal aantrekken via aandelenemissies. Maar Rabo is afhankelijk van ingehouden winsten. Die winsten staan onder druk.

Rabobank kan nog eigen vermogen aantrekken via het uitzetten van ledencertificaten (speciale beleggingsinstrumenten). Maar ook die weg zit op slot. Door de druk op de bank maken beleggers zich zorgen of Rabobank genoeg geld overhoudt om dividenden uit te keren. Nieuwe certificaten worden amper verkocht.

De huidige spanningen binnen de top van de bank hebben veel te maken met deze ontwikkelingen. Onlangs lekte uit dat er zo’n hevige ruzie was tussen topman Moerland en zijn financieel directeur Bert Bruggink dat die laatste bestuursvergaderingen boycotte. Om de problemen het hoofd te bieden wordt wordt bij lokale kantoren hard gesneden. Traditioneel genoten zij veel autonomie. Maar ze zien hun macht verschuiven naar het hoofdkantoor in Utrecht. Dat leidt tot frictie. De botsingen in de top zijn hier een uitvloeisel van, zeggen ingewijden.

Bovenal betekent het dat het coöperatieve model van de bank steeds minder houdbaar wordt. Het kan niet anders, in deze tijden, zegt ook Moerland. Maar Rabobank wordt er wel steeds meer een ‘gewone’ bank door.