Dit is een artikel uit het NRC-archief

Economie

Stadswijngaard

Schijnt momenteel helemaal in te zijn: stadswijngaarden. Over de hele wereld duiken ze op. Wijnstokken aangeplant tussen beton, asfalt en glas. Over terroir gesproken. Berichten over deze initiatieven bereikten mij onder andere al vanuit New York, Londen en zeer recent over eentje die in onze eigen residentie aangepoot wordt: ‘Oh, oh Den Haag, mooie stad met eige wijne…’ Tenminste, als het crowd funding initiatief dat de aanleg dient te financieren voldoende mensen op de been weet te krijgen.

Iets van de laatste tijd dus? Zeker niet. In Oostenrijk heeft de stad Krems zijn eigen wijngaarden sinds 1452. En Fritz Miesbauer, een van de meest dynamische wijnmakers van het land, bestiert ze met verve.

Dat is een interessante kerel. Tien jaar geleden was hij nog het wijngeweten van Freie Weingärtner Wachau, met duizend boeren niet alleen de grootste coöperatie van Oostenrijk, maar ook de beste.

Een vliegende bonje tussen de voorzitter van de Freie Weingärtner Wachau – die zich begon te gedragen als de eigenaar van een Spaanse voetbalclub - en directeur-wijnmaker Fritz Miesbauer deed laatstgenoemde in Krems belanden.

Want toen meneer de voorzitter zonder medeweten Fritz’ keldermeester ontsloeg, was dat ook voor Miesbauer reden om op te stappen. Zo kon het stadsbestuur van Krems net voor het sluiten van de transfermarkt dit succesduo per 1 juli 2003 inlijven.

Tijdens een bezoek aan Krems proefde ik in 2004 Miesbauer’s debuutoogst Grüner Veltliner. ‘Als ik een Freie Weingärtner zou zijn, zou ik nu het hoofd van de voorzitter eisen, want er is een serieuze concurrent bijgekomen’, noteerde ik destijds.

Tien jaar later - en honderden kilometers verderop - kan ik alleen maar constateren dat de kwaliteit nog beter is geworden. Voor € 8,10 kent deze stadswijn Weingut Stadt Krems Grüner Veltliner Lössterrassen uit het oogstjaar 2012 een uitstekende prijs-waardeverhouding.

Sappige appel, mild oranjegeel citrus in de mond, met zachte zuren, het zo karakteristieke pepertje (niet voor niets is het alias van de Grüner Veltliner Pfefferl, pepertje) en een sappig grapefruitbittertje na.

Londen, New York en Den Haag kunnen daar niet tegen op. Misschien over een jaar of zeshonderd?