Nieuwe toon in Iran biedt hoop

Het is verleidelijk om in de overwinning van de gematigde geestelijke Hassan Rohani bij de Iraanse presidentsverkiezingen een nederlaag voor het ultraconservatieve leiderschap te zien.

Maar dat is geenszins het geval. De waakhonden van opperste leider aya-tollah Ali Khamenei, de Raad van Hoeders van de Grondwet, hadden Rohani’s kandidatuur goedgekeurd. Dat betekent ook dat hij mocht winnen.

Rohani is deel van het Iraanse islamitische systeem. Hij had de steun van het hervormerskamp van oud-president Khatami, maar ook dat staat niet voor revolutie.

Wat Rohani heeft beloofd is de harde kanten van het bewind bij te schaven. Hij wil, zoals hij zei, „terugkeer van gematigdheid”, vrijlating van politieke gevangenen, stopzetting van de bemoeienis van de autoriteiten met het privéleven van burgers. Maar hij heeft geen enkele inhoudelijke hervorming bepleit. Het is zelfs de vraag of het hem lukt zijn beperkte beloften waar te maken. President Khatami’s veranderingen werden stuk voor stuk teruggedraaid.

Dat wil niet zeggen dat Rohani’s overwinning betekenisloos is. Zijn aantreden brengt straks een verandering in toon in de internationale arena mee, die enige hoop biedt. Zoals hij zelf heeft gezegd, hebben de „slordige, onbezonnen and losse opmerkingen” van president Mahmoud Ahmadinejad Irans imago zwaar beschadigd. Dat heeft gevolgen gehad voor de atmosfeer bij de belangrijke onderhandelingen tussen Iran en de internationale gemeenschap over zijn omstreden nucleaire programma.

Het is belangrijk te onderstrepen dat de buitenlandse politiek, inclusief de nucleaire onderhandelingen, tot het takenpakket van de opperste leider behoren. De president zet niet de koers uit.

Rohani, zelf voormalig nucleair onderhandelaar, is niet bij machte te tornen – als hij dat zou willen – aan de huidige politieke lijn, namelijk voortzetting van het complete nucleaire programma, inclusief het verrijken van uranium.

Toch zou een nieuwe toon tot toenadering en nieuw begrip kunnen leiden, en uiteindelijk tot resultaten, in plaats van een zich verdiepende impasse en wellicht een Israëlische en/of Amerikaanse militaire aanval.

Dat is van het grootste belang in een Midden-Oosten dat door de oorlog in Syrië steeds verder gedestabiliseerd raakt. Het assertieve optreden van het shi’itische Iran onder het presidentschap van Ahmadinejad is mede de oorzaak van de toenemende spanningen tussen sunnieten en shi’ieten die nu in Syrië en ook in Irak tot wederzijdse moordpartijen leiden en een regionale oorlog kunnen losmaken.

Zelfs een gematigder toon kan een verschil maken.