Tenminste houdbaar tot: 3013

Fotograaf Daan Paans maakte een fotoboek over mensen die zoeken naar onsterfelijkheid Cryonisten bijvoorbeeld, die zich laten invriezen De Nederlandse Henry Sturman hoopt zo duizend jaar te leven

Verslaggever

Van alle dieren is de Noord-Amerikaanse houtkikker misschien wel het best beschermd tegen kou. Bij temperaturen onder de nul, niet ongewoon in die regio, bevriest de kikker. Het hart stopt, de bloedsomloop, de ademhaling. Zijn lever produceert een antivries. IJskristallen zijn met hun scherpe randen funest voor de cellen, de kikker zorgt ervoor dat vitale delen in tact blijven. Begint de lente, dan ontdooit het beest. Zijn hart begint te kloppen, bloed wordt rond gepompt. De kikker ontwaakt uit zijn winterslaap.

Cryonisten putten hoop uit die kikker. En uit een paar honden die na enkele uren klinische dood, weer tot leven zijn gewekt. Cryonisten worden na hun overlijden ingevroren en hopen ooit, met de technieken van de toekomst, hun leven voort te kunnen zetten.

In een appartementencomplex om de hoek bij het Haagse Vredespaleis, woont de bekendste cryonist van Nederland. Henry Sturman heeft samen met naar schatting tien andere Nederlanders een invriescontract. Na zijn overlijden wordt hij naar een speciale koelcel in de Verenigde Staten overgebracht.

Fotograaf Daan Paans portretteerde Henry Sturman voor zijn fotoboek Letters from Utopia, dat gisteren verscheen. Een boek over verschillende groepen mensen en hun zoektocht naar onsterfelijkheid.

Thermosflessen stikstof

De kans dat het experiment slaagt, schat Henry Sturman in op zo’n 20 procent. Hij probeert er niet al te veel op te rekenen. Maar als het lukt, denkt hij, doet hij over een jaar of tachtig zijn ogen weer open. Eerste vraag voor de toekomst? „Leven mijn vrienden nog?”

In de Verenigde Staten hangen al ruim tweehonderd mensen in metershoge thermosflessen, gevuld met vloeibare stikstof. Temperatuur: min 196 graden. Ook tientallen huisdieren (honden, katten, vogels) hebben een plekje in de stikstof gekregen.

Sturman werd 47 jaar geleden geboren in de VS. Zijn vader, een Amerikaanse arts, ontmoette zijn Nederlandse moeder op een feestje. Ze werkte voor de Holland-Amerika Lijn in New York. Ze kregen twee kinderen en scheidden toen Henry Sturman zes jaar oud was. Samen met zijn moeder en zus verhuisde hij naar Glimmen, een dorp bij Groningen.

Hij herinnert zich er een zorgeloze jeugd, met veel vrijheid. Sturman was als kind verlegen, maar ook anti-autoritair. Hij spijbelde wanneer hij wilde en als hij zijn aantekeningen moest overschrijven omdat ze volgens de meester onleesbaar waren, weigerde hij. „Ik kon ze zelf toch lezen?”

Op zijn 22ste raakte Sturman in de ban van het libertarisme, een politieke stroming waarvan aanhangers streven naar zoveel mogelijk individuele vrijheid. Sturman ziet niets in de overheid. Hij houdt er niet van om belasting te betalen, wil niet voor een baas werken (hij heeft zijn eigen ict-bedrijf) en hij gelooft in privatisering van het onderwijs, de zorg en de politie.

En – geen toeval – onder libertariërs zijn relatief veel cryonisten.

Antivries in plaats van bloed

Het cryonisme kreeg voet aan de grond in de jaren zestig. Robert Ettinger publiceerde zijn boek The Prospect of Immortality (De Diepvriesmens) waarin hij uitlegt dat het in de toekomst wellicht mogelijk is om mensen dusdanig te verjongen dat ze veel langer kunnen leven. Omdat lang niet iedereen dat moment zal meemaken worden mensen tot die tijd in bevroren toestand geconserveerd. Na de publicatie van het boek werd in 1967 de eerste mens in de VS ingevroren. Inmiddels zijn er twee Amerikaanse organisaties die de dienst aanbieden. Rusland biedt sinds kort, tegen bodemprijzen, de mogelijkheid alleen je hoofd te laten invriezen. Het idee: tegen de tijd dat je mensen tot leven kunt wekken, maak je het lichaam er eenvoudig bij.

Sturman had aanvankelijk twijfels toen hij van een bevriende libertariër over het cryonisme hoorde. „Het leek me vergezocht. Je cellen vriezen kapot, dacht ik.” De vriend legde hem uit dat de kans op schade tegenwoordig minimaal is. Door het gebruik van speciale vloeistoffen treedt „een soort verglazing” van de hersenen op.

Rond zijn 37ste begon Sturman serieus na te denken over het cryonisme. En op zijn 39ste ging de knop om. Hij kreeg moeite met lezen. „Die ogen herinneren me er aan dat ik ouder word.” Sturman schreef zich in bij Alcor, een instituut in Scottsdale, Arizona. Hij beweegt meer en eet sinds april volgens de regels van De voedselzandloper, een dieethandboek dat veroudering zou remmen. Sturman viel in zes weken zeven kilo af en heeft nu minder kans op hart- en vaatziekten. „Dat een mens veroudert. Dat is tragisch.”

Achter een gordijntje in de gangkast heeft Sturman koelpacks liggen en een thumper om hartmassage te kunnen geven. Gaat hij dood, dan rekent Henry op de zes andere leden van de The Dutch Cryonics Organisation – vijf mannen, één vrouw. Zij zullen hem hartmassage geven om de zuurstoftoevoer naar de hersenen op gang te houden, om het afsterven van hersencellen te vertragen. De koelpacks, die koud worden als je ze kneedt, gaan op zijn hoofd. Bij een Amsterdamse uitvaartondernemer staat een ijsbad klaar. In zijn aderen wordt heparine gespoten, een anti-stollingsmiddel. Via Engeland wordt hij dan naar de VS gevlogen. Daar wordt zijn lichaam verder gekoeld, het bloed vervangen door vitrificatievloeistof (een antivries) en laten ze Sturman vervolgens langzaam – het hoofd naar beneden – in de thermosfles met stikstof zakken.

Misschien zit de drang naar vrijheid in zijn genen? De opa van Henry Sturman, directeur van een breifabriek in Groningen, sloot zich tijdens de oorlog aan bij het verzet. Toen hij de opdracht kreeg de Wehrmacht van ondergoed te voorzien, maakte hij voor onderduikers stiekem extra onderbroeken van de Duitse wol. Sturman: „Mijn moeder ligt altijd in de clinch met instanties. Telefoonproviders, de gemeente.” Sturman kent die neiging, „maar ik richt me liever op grotere zaken.”

Sturman ging technische natuurkunde studeren in Delft. Hij houdt van wat ze de ‘dode natuur’ noemen: van natuurkundige theorieën en de verschijnselen die ze verklaren. Van theorieën die voorspellen welke dingen in de toekomst mogelijk zijn.

In zijn studententijd ging Sturman deltavliegen. Later ook duiken. Hij probeerde alle drugs die hij tegenkwam. Ze vormden voor hem het bewijs dat de hersenen een machine zijn: een machine die je kunt ontregelen. Er is geen ziel, ontdekte hij. Je bewustzijn komt voort uit je hersenen. „Er is daarom ook alle reden dat je je hersenen, net als een computer, aan en uit moet kunnen zetten.”

1.800 euro per maand

Sturman maakt sinds zijn 39ste jaarlijks 1.800 euro aan Alcor over. Tot zijn dood moet hij er omgerekend ieder jaar een flinke vakantie voor laten schieten. Soms slaat de twijfel toe. „De contributie gaat binnenkort omhoog”, weet hij. Is het al dat geld wel waard, vraagt hij zich dan af. Wordt hij na zijn dood snel genoeg gekoeld en ingevroren? Ontdooit hij niet voortijdig, door faillissement van Alcor, een stroomstoring of een aardbeving? En – als alles goed gaat – wie garandeert hem dat ze hem in de toekomst ook daadwerkelijk zullen ontdooien?

Maar een gewone verzekering kost ook 1.200 euro per jaar, relativeert hij. „Dat is bijna van dezelfde orde.” Terwijl de gezondheidszorg hem nauwelijks iets oplevert, vindt hij. „Misschien genees je van kanker en word je tien jaar ouder”, legt hij uit. „Ik kan straks misschien duizend jaar langer leven voor hetzelfde geld.”

Sturman leeft liever duizend dan zeventig jaar. Omdat er nog genoeg te doen is (trouwen, een boek schrijven), maar vooral omdat hij stiknieuwsgierig is naar de toekomst – hoe leven mensen tegen die tijd? En als hij het na vijfhonderd jaar dan toch gezien heeft, kan hij er altijd zelf een eind aan maken. „Ik wil mijn dood niet overlaten aan de wrede natuur.”

    • Lineke Nieber