Bergtalen klinken anders dan talen van laagland

Talen die vooral worden gesproken in gebieden die hoger liggen dan 1.500 meter hebben kenmerkende klanken. Dat ontdekte taalkundige Caleb Everett van de University of Miami . Die bergtalen hebben vaak zogenaamde ejectieven.

Ejectieven zijn bijzondere medeklinkers. Het maken van zo’n ejectief – een ‘uitstotende medeklinker’ – is wel eens omschreven als het maken van een medeklinker terwijl je je adem inhoudt. Het is een keelklank die wordt gemaakt door drukopbouw in de keelholte, die dan in een keer losgelaten wordt, terwijl je wel een medeklinker vormt als normaal. Dat lukt niet bij nasale klanken, maar een ‘k’, ‘t’ of ‘p’ klinkt vervolgens anders en harder. De klank krijgt als het ware een zetje mee.

De klank komt maar in 15 procent van de talen voor, veelal kleine talen. Weinig Europeanen zullen deze ejectieven kennen, tenzij ze wel eens Georgisch horen. Ze komen verder voor in uiteenlopende taalfamilies als het Khoisan, Na-Dene, Semitisch en Quechua.

Everett beschrijft zijn vondst deze week in een artikel in PlosOne. 57 van de 92 ejectief-talen (62%) die hij vond liggen binnen 200 km van bewoonbaar gebied op 1.500 m hoogte. Bij de talen zonder ejectieven is dat maar 20 procent. De gemiddelde hoogte van ejectiefloze talen was 631 m, die van ejectief-talen 955 m.

Het zou de eerste keer zijn dat er enige lijn is ontdekt in de enorme klankverschillen tussen talen en taalfamilies. In het algemeen worden die toegeschreven aan toeval. Het Nederlands kent bijvoorbeeld oorspronkelijk niet de begin-G van ‘garage’, maar alle ons omringende talen wel.

Een goede verklaring voor de voorliefde van hoogwonende sprekers voor ejectieven heeft Everett niet. Het enige dat hij kan bedenken is dat door de ejectieven tijdens het spreken de longen iets minder vaak openstaan, waardoor er net wat minder vocht uit de longen verdampt. Vochtverlies via de longen is een probleem in de bergen. Maar omdat ook de ejectief-sprekers de rest van de dag gewoon zullen doorademen (met alle vochtverlies van dien), zal dit in de praktijk weinig uitmaken.