Gebrek aan hectiek

Mensen beginnen vaak een gesprek met: „Hee, lang niet gezien! Hoe gaat het? Druk?” Het laatste woord is een luchtige, terloopse toevoeging, maar het valt me opeens op – vooral omdat ik de laatste weken niet antwoord met: „Breek me de bek niet open! Ontzettend! Tonnen werk! Ik heb de tube Paradontax maar vast op

Mensen beginnen vaak een gesprek met: „Hee, lang niet gezien! Hoe gaat het? Druk?” Het laatste woord is een luchtige, terloopse toevoeging, maar het valt me opeens op – vooral omdat ik de laatste weken niet antwoord met: „Breek me de bek niet open! Ontzettend! Tonnen werk! Ik heb de tube Paradontax maar vast op kantoor gezet!”, maar zeg: „Nou – het is even wel rustig, eigenlijk.”

Zodra ik tijd over heb, begint het schuldgevoel te knagen

En meteen nadat ik die zin uitspreek, voel ik de behoefte er iets achteraan te zeggen, iets als: „Kijk, ik kom natuurlijk net uit een enorm project en nou ja, ‘rustig’, ‘rustig’, altijd wel dingen te doen hoor, ik heb nu gewoon ook pannetjes op het vuur, ben een beetje lijntjes aan het uitgooien, jeweetwel,” – een jeweetwel die een vertrouwde wereld moet oproepen, een wereld van altijd aanwezige pannetjes en lijntjes en klussen en projecten en werkzaamheden. Een wereld waarin Nuttige Dingen gedaan worden. Oftewel: ik voel de behoefte om me te verontschuldigen voor het huidige gebrek aan hectiek in mijn leven. De enige manier waarop je immers wegkomt met de mededeling dat je het niet zo druk hebt, is het aankondigen als een activiteit. „Heerlijk! Ik doe even helemaal níéts! Lekker even lezen en wandelen en GENIETEN!”

Zodra ik tijd over heb, begint het schuldgevoel te knagen. Al die vrije uren, dat kan toch niet de bedoeling zijn? Moet ik niet misschien een bundel Oost-Afrikaanse poëzie samenstellen? Waarom ben ik eigenlijk niet bezig een tweewekelijkse filmavond over obscure slasher-horror te organiseren? Waarom zit ik niet nú op een bankje in het park waar ik uitgebreid beschrijf wat voor snorren ik voorbij zie komen, om tenminste een ironische blog te beginnen op datzitwelsnor.nl?

Ik bedoel: mijn werk is toch mijn passie? Mijn raison d’être? Mijn roeping? Hetgeen wat ik het allerliefste doe in de hele wereld? Het ‘geeft me toch heel veel energie’? Waarom ben ik dan in godensnaam op de bank een zakje M&M’s op kleur aan het sorteren terwijl ik met een half oog naar Astro TV kijk?

Het is haast alsof het hebben van vrije tijd een verraad is naar de liefde voor je vak. Pas als je als een bezetene werkt, alles opzij schuift en vrienden, geliefden en keukenkastjes verwaarloost, is het oprecht.

En hoewel ik het blijkbaar nodig vind om mezelf in een gesprek te verdedigen, om maar vooral duidelijk te maken dat ik heus niet dagenlang in bed mijn tenen tel terwijl ik high ben van grote hoeveelheden nootmuskaat, denk ik toch: ik wil helemaal niet dat alles meteen nut heeft. Dat ik vrije dagen begin met het maken van een to do lijst. Dat ik me niet mag vervelen. Je kan van je werk houden – én van dagen vol Astro TV. Schuldgevoelvrij.