brieven

Decentralisatie anders – ja, maar hoe dan precies?

Over het artikel van 21 wethouders, Op deze manier werkt decentralisatie niet (NRC Handelsblad, 10 juni), het volgende:

De bijdrage van de bestuurders blijft op abstract niveau en is daardoor een gemiste kans. „De oplossing is maatwerk op casusniveau.” Hoe zien de wethouders dit voor zich? Waar liggen de verantwoordelijkheden? Hoe voorkom je dubbeltellingen of het telkens opnieuw uitvinden van het wiel door iedere gemeente apart, voor iedere casus apart?

Een zin als „...zorgvuldige invoering, graag minder bezuinigingen...” geeft mij als burger een onbehaaglijk gevoel.

Het klinkt veelbelovend, maar de abstractie ervan lijkt te duiden op een nog niet bestaande invulling van vragen als: hoe kunnen miljardenbezuinigingen samengaand met de enorme veranderingen die de overheveling met zich meebrengt, binnen anderhalf jaar in een effectief zorgproces samenkomen als de komende wet- en regelgeving nog niet beschikbaar is?

Natascha Minnebo

Werkzaam in de langdurige zorg

Opstoot is geen opstootje

In de sportbijdrage Alphense Boys en de schaamte (NRC Handelsblad, 10 juni) staat het woord ‘opstoot’. Op zich een leuke vondst voor een wat fors uitgevallen opstootje, ware het niet dat het woord opstoot volgens de Van Dale al ‘bezet’ is met een andere betekenis: een bepaalde manier van stoten bij het boksen, een ‘snelle, met omhoogschietende vuist toegebrachte slag, syn. uppercut.’

O.L.E. Jongmans

Wateringen

Utrechts Archief trekt vanouds veel bezoekers

Met verbazing las ik in het artikel Wel beweging, geen aardverschuiving in museumwereld (NRC Handelsblad, 10 juni) dat Het Utrechts Archief waar vroeger nauwelijks bezoekers kwamen nu is veranderd in een plek waar schoolkinderen en gezinnen graag komen.

Dit archief – een combinatie van het voormalig Utrechts rijksarchief en gemeentearchief – is een van de belangrijkste in Nederland en heeft vanouds een zeer groot aantal bezoekers getrokken.

Inmiddels is het archief uitgebreid met een museumpje, waarin de archiefbestanden centraal staan en waar ook wisseltentoonstellingen gehouden worden. Deze aardige presentaties trekken inderdaad, en terecht, veel bezoekers, ook buiten de kring van traditionele archiefvorsers. Ondertussen ligt echter wel de buitengewoon rijke historische collectie van Utrecht, die beheerd wordt door het Centraal Museum, al decennialang grotendeels in het depot. En dat is voor een stad als Utrecht, met een verleden van bijna tweeduizend jaar, niet minder dan een grof schandaal. Het wordt hoog tijd dat Utrecht weer een volwaardige permanente stadshistorische expositie krijgt, al dan niet in het Centraal Museum.

Dr. M.W.J. de Bruijn

Utrecht