Fiscaal regime levert miljarden op

Nieuw onderzoek in opdracht van lobbyclub HFC moet de discussie over ‘Belastingparadijs Nederland’ voorgoed beslechten.

Via brievenbusbedrijven in Nederland wordt veel minder belasting ontweken dan gedacht en ze leveren de economie bovendien meer op dan verwacht. Dat blijkt uit het vanochtend gepresenteerde rapport dat SEO Economisch Onderzoek uitvoerde in opdracht van lobbyclub Holland Financial Centre.

Formeel beantwoordt het onderzoek van 300 pagina’s de vraag wat de toegevoegde waarde van overige financiële instellingen in Nederland is. Naast de banken, verzekeraars en pensioenfondsen bestaat er namelijk nóg een financiële sector in Nederland. Die bestaat grotendeels uit brievenbusbedrijven (door de onderzoekers ook wel bijzondere financiële instellingen – bfi’s – genoemd).

Brievenbusfirma’s staan centraal in de discussie over belastingontwijking waarin Nederland er geregeld van langs krijgt. Google, Starbucks, de Rolling Stones: via brievenbussen in Nederland verlagen ze hun belastingen. Aan de hand van data van De Nederlandsche Bank tellen de onderzoekers in totaal 12.000 brievenbusbedrijven waarmee buitenlandse bedrijven profiteren van de gunstige Nederlandse fiscale voorzieningen.

Nederland is aantrekkelijk vanwege het uitgebreide belastingverdragennetwerk met 93 landen waarmee bronbelasting op dividend-, rente- en royaltybetalingen wordt gereduceerd. Als gevolg van de deelnemingsvrijstelling is het in Nederland ontvangen dividend vaak vrijgesteld voor de winstbelasting. En over rente en royalty betaald vanuit Nederland naar het buitenland wordt hier geen bronbelasting geheven.

Stelling nemen doen de onderzoekers niet. „Wij hopen met dit onderzoek de juiste cijfers te leveren voor de politieke discussie, daar worden nogal wat verschillende getallen gebruikt”, zegt SEO-onderzoeker Marco Kerste. Geregeld wordt er gezegd dat er via brievenbusbedrijven jaarlijks 8.000 miljard euro door Nederland stroomt (ruim 13 keer het bruto binnenlands product). Volgens de onderzoekers is dat onjuist: er stroomde in 2011 zo’n 4.000 miljard in en ook weer uit Nederland. Omdat het om hetzelfde geld gaat, is het dus correcter om 4.000 miljard te gebruiken als doorstroomgetal.

Vervolgens keken de onderzoekers naar hoeveel van dat geld onder de politiek gevoelige noemer belastingontwijking kan worden gezet. De kern van het Nederlandse belastingsysteem is dubbele belastingbetaling voor internationale bedrijven voorkomen. Maar soms vinden die bedrijven via constructies met ‘belastingarme’ landen fiscale routes om (vrijwel) geen belasting te betalen.

Om dat ‘ontwijkingsbedrag’ te kwantificeren hanteren ze verschillende maatstaven. Bij rentestromen is de belastingontwijking, afhankelijk van het gekozen perspectief, mogelijk 1,3 tot 3,8 miljard euro, oftewel 13 procent tot 37 procent van de totale rentestroom. Bij dividend gaat het om een bedrag van tussen de 4,2 en 38,9 miljard euro, 4 tot 40 procent van de dividendstroom van brievenbusfirma’s. Van royaltystromen is geen berekening gemaakt, omdat die mogelijk herleidbaar zouden zijn tot individuele bedrijven.

Een opvallend onderzoeksresultaat is dat het grootste deel van de financiële stromen bij een beperkt aantal bedrijven hoort. De tien grootste concerns zijn verantwoordelijk voor 48 procent van de totale dividendstroom, voor 29 procent van de totale rentestroom en voor 90 procent van de totale royaltystroom.

Voor ontwikkelingsorganisaties en partijen als SP en GroenLinks draait de belastingparadijsdiscussie om ontwikkelingslanden die belastinginkomsten mislopen vanwege het Nederlandse fiscale regime. Oxfam Novib repte vorige maand nog van zeker 450 miljoen euro per jaar. De onderzoekers spreken nu van mogelijk 145 miljoen euro in 2011. Maar daarbij gaat het om de misgelopen bronbelasting op dividend als gevolg van verdragen met Nederland. De misgelopen rente- en royaltybelasting is vanwege het ontbreken van data niet bekeken, maar dit zou volgens de onderzoekers hooguit tot een verdubbeling leiden.

Maar goed, om terug te keren naar de hoofdvraag: het levert Nederland heel wat op. Brievenbusbedrijven dragen 3 tot 3,3 miljard per jaar bij aan de Nederlandse economie in de vorm van belastingen, loonkosten en diensten die zij inkopen bij zakelijke dienstverleners, al met al goed voor 8.800 tot 13.000 arbeidsplaatsen.

SEO-directeur Barbara Baarsma hoopt dat de basis is gelegd voor een politieke discussie en dat er eindelijk op basis van „de juiste getallen” een afweging gemaakt kan worden over de wenselijkheid van het huidige systeem. „Dat soort afwegingen zijn aan de orde van de dag in de politiek. Bij al dan niet aanleggen van een rotonde of aanpakken van fijnstof speelt eenzelfde kosten-batenanalyse.”