Analyse Zo breng je een lek in de media

verslaggever

Wie een journalist zoekt om gevoelige informatie over de Amerikaanse overheid te lekken, heeft aan Barton Gellman geen slechte. Hij publiceert in The Washington Post en Time Magazine en maakt zich regelmatig kwaad over schendingen van digitale privacy. Gellman is ook niet iemand die meteen ophangt als je je naam niet wilt zeggen, lijkt het. Pas na enkele weken kwam Gellman erachter dat hij met Edward Snowden te maken had. Snowden hielp hem aan een geheime presentatie over PRISM, het programma van de NSA om telefoon- en dataverkeer gedetailleerd te volgen. In een blogpost op de site van The Washington Post beschrijft Gellman hoe dat contact verliep.

Gellman beschrijft hoe Snowden het pseudoniem ‘Verax’ aanhield, Latijn voor waarheidsbrenger. Vanaf begin mei spraken Snowden en Gellman elkaar indirect, via gecodeerde chat- en e-mailprogramma’s, ingewikkelde software dus. Snowden tikte naar verluidt met een doek over zijn hoofd en computerscherm zijn wachtwoorden in, voor het geval er camera’s in zijn hotelkamer meekeken. Voor de deur in zijn kamer legde hij kussens. Dan kon er ook niemand meeluisteren.

Pas op 16 mei komt Barton Gellman in direct contact met Snowden, die dan zegt dat toch wel bekend zal worden dat hij het lek is. Tot die tijd mag Gellman de klokkenluider niet letterlijk citeren: de patronen in zijn taalgebruik zouden herleidbaar zijn voor de NSA door semantische analyse van zijn teksten.

Op 24 mei laat Snowden weten dat hij asiel wil aanvragen in IJsland, zodat hij zijn naam bekend kan maken. Hij wil zo andere klokkenluiders aanmoedigen, door ze te laten zien dat je kunt ‘winnen’. Maar dan moet The Washington Post wel binnen 72 uur de volledige powerpoint-presentatie van 41 pagina’s over PRISM publiceren.

Dat gaat Gellman te ver. Hij wil eerst met regeringsfunctionarissen spreken, om zeker te weten dat hij niets publiceert dat de nationale veiligheid in gevaar kan brengen. „Ik betreur het dat we dit project niet unilateraal konden houden”, laat Snowden weten. Hij stapt naar The Guardian, naar Glenn Greenwald.

Greenwald, ervaren blogger over online overheidssurveillance, ontkent deze lezing. Volgens hem was hij al in contact met Snowden voordat Gellman zijn scoop zag vervliegen.

Vorige week donderdag kwamen beide kranten tegelijk met een artikel over PRISM. The Washington Post publiceerde alleen de slides die volgens de krant geen gevaar voor de buitenwereld opleveren. The Guardian publiceerde de volle 41 pagina’s.

Zondag publiceerde The Guardian bovendien een video-interview van Greenwald met Snowden, dat op 6 juni zou zijn opgenomen.

Snowden zegt tegen Greenwald dat hij zorgvuldig journalisten heeft uitgekozen wier oordeel hij vertrouwt. Naast het bed van Snowden, schrijft Greenwald, ligt het boek van Gellman.