Stafchef Libië weg na strijd in Benghazi

Na een bloedige confrontatie tussen betogers en een met de Libische regering geallieerde militie in Benghazi is gisteren de stafchef van het Libische leger afgetreden.

De strijd in Benghazi, die zaterdag zeker 31 mensen het leven kostte, onderstreepte de groeiende woede onder de bevolking over het falen van de regering de gewapende milities aan te pakken.

De honderden demonstranten, van wie sommigen gewapend waren, eisten dat de milities die uit de oorlog tegen het regime van Moammar Gaddafi zijn overgebleven, zich onderwerpen aan het gezag van de Libische regering en haar nog zwakke leger en politie. De betoging liep uit op een bestorming van het belangrijkste kamp van ‘Libiës Schild’, een voornamelijk fundamentalistische alliantie van 12 milities die regelmatig door de regering wordt betaald om stammenconflicten te beslechten of grenzen te bewaken waar het echte leger tekort schiet. Het was niet duidelijk wie met schieten begon.

Een legerwoordvoerder zei later dat het leger opdracht heeft gekregen om de controle over te nemen over de bases van ‘Libiës Schild’. „Dit is wat het volk wil”, zei hij. Maar het was niet duidelijk wat dit betekende. De militie zelf leek er niet erg van onder de indruk. „Welk leger kan de controle overnemen”, vroeg een commandant van Libiës Schild. „Er is geen leger behalve Libiës Schild.”

Er was kritiek op de afgetreden stafchef, generaal-majoor Youssef al-Mangoush, omdat hij niet in staat of niet bereid was om de milities te vervangen door een sterk leger. Milities steunden hem juist hem om die reden. Burgers zijn kwaad over de onveiligheid die de wildgroei van milities brengt en over de politieke druk die sommige met succes uitoefenen. Vorige maand dreven milities met de belegering van een aantal ministeries de aanvaarding van een wet door die iedere functionaris die ooit voor Gaddafi’s regime heeft gewerkt, voor 10 jaar elk politiek ambt ontzegt. (AFP, AP, Reuters)