SP wil opheldering over thuisonderwijs

De SP wil opheldering van staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD) over kinderen die, met medeweten van de onderwijsinspectie, thuis les krijgen. Dat is in strijd met de Leerplichtwet.

Kamerlid Van Dijk (SP) wil Dekker dinsdag vragen welke leerlingen thuisonderwijs mogen volgen. „Het zou verkeerd zijn als het neerkomt op willekeur. Dat enkele tientallen leerlingen in aanmerking komen, terwijl er 5.000 thuiszitters zijn.”

Gisteren berichtte deze krant dat enkele tientallen kinderen door het ministerie contracten zijn aangeboden voor thuisonderwijs. Het gaat om kinderen met lichamelijke of psychische problemen, kinderen die gepest worden of hoogbegaafd zijn. Zij gaan niet fulltime naar school. Van de Leerplichtwet moeten kinderen vijf dagen in de week fysiek naar school.

Uit onderzoek van deze krant blijkt dat een aantal kinderen toch een regeling is aangeboden voor onderwijs thuis. „Indien deze gedoogconstructie door de Leerplichtwet wordt veroorzaakt omdat deze als knellend wordt ervaren”, zegt Van Dijk, „is een debat daarover op zijn plaats”.

De ouders van de betrokken kinderen hebben een contract ondertekend, waardoor zij de kosten voor het thuisonderwijs kunnen declareren bij de school waar het kind staat ingeschreven.

Het ministerie en de Inspectie van het Onderwijs zeggen dat de ‘maatwerkregelingen’ voor individuele gevallen niet in strijd mogen zijn met wet- en regelgeving. Volgens onderwijsadvocaat Katinka Slump, die enkele cliënten heeft begeleid die deze contracten sloten, zijn de overeenkomsten wél in strijd met de wet.

Ook de Kinderombudsman wees er onlangs op dat onderwijs thuis niet is toegestaan. Kinderen moeten wettelijk vijf dagen per week naar school. Bovendien stelt de wet kwaliteitseisen aan scholen, waaraan onderwijs thuis niet voldoet.