Opinie

Fiasco

Nu de Tweede Kamer heeft besloten een parlementaire enquête over de ondergang van de Fyra te houden, zinkt de moed me pas in echt in de schoenen. Een parlementaire enquête! Waar ging de vorige ook alweer over? En die daarvoor? Wat waren de gevolgen van de ongetwijfeld harde conclusies, de dwingende aanbevelingen?

Niet doen.

We zijn gewend dat grote projecten eindeloze vertragingen oplopen. We weten dat de kosten van iedere onderneming de pan uit zullen rijzen. We weten dat iets groots na talloze aanpassingen en procedures als het klaar is altijd een stuk kleiner is geworden. Maar dat iets zo faliekant mislukt, is een nieuwe ervaring. Het gaat weliswaar om een trein naar België, maar als voorbeeld van nationaal falen op alle niveaus heeft het Fyra-fiasco de huiveringwekkende schoonheid van een tragedie.

We wilden prestige, we werden potsierlijk.

„Het zwaarste middel dat de Tweede Kamer tot haar beschikking heeft”, noemt PvdA-Kamerlid Duco Hoogland een parlementaire enquête maar weer eens in zijn blog. Mij lijkt het een onmachtige reflex. Het doodse proza van de sociaal-democratische vervoersspecialist doet ook hopen dat hijzelf geen plaats neemt in de commissie.

Lees even mee:

„Voor de PvdA staat zorgvuldigheid in dit dossier voorop. Natuurlijk moeten er zo snel mogelijk weer hogesnelheidstreinen tussen Nederland en België gaan rijden en tevens dienen alle vragen beantwoord te worden over de vraag hoe dit zover heeft kunnen komen. Maar de snelheid mag niet ten koste gaan van de kwaliteit van de besluitvorming. Deze keer moeten echt alle mogelijkheden worden bekeken en moeten we geen overhaaste beslissingen nemen.”

U bent er nog. Nog eentje dan:

„Het is zaak om nu zowel vooruit te kijken naar een oplossing, als om terug te kijken om te leren van gemaakte fouten. Bij beide staat zorgvuldigheid voorop.”

Zouden politici als Duco misschien zelf een deel van het probleem zijn?

Het resultaat van zo’n enquête over de Fyra zal zijn dat iedereen schuld aan het fiasco draagt. Men verkeerde in de greep van een collectief verlangen, men wilde het allerbeste voor zo min mogelijk geld. En als iedereen schuldig is, dan past het vingerwijzen niet. Dan is eigenlijk niemand schuldig.

In plaats dat de Kamer weer eens onderzoek start, en we maandenlang op het Journaal tegen zelfgenoegzame gezichten van politici moeten aankijken die het onder hun eigen ogen hebben laten gebeuren, zou ik liever de Kamer zelf eens onderzocht zien. Hoe goed zijn onze politici eigenlijk? Wat weet iemand als Duco er echt van, anders dan dat bij hem de zorgvuldigheid voorop staat?

Het Fyra-fiasco lijkt deels veroorzaakt doordat de politiek zich blind voegde naar de waan van de dag: het moest op een koopje, uit naam van de belastingbetaler. De NS moet zich handhaven op de vrije markt, maar wordt behandeld als een staatsbedrijf.

Je zag het onlangs bij de kwestie van de Bulgaarse toeslagenfraude: het was de Kamer die erop stond dat er meteen werd uitbetaald. Wég met die bureaucratische overheid. Alles om de kloof tussen burger en overheid te dichten. De controle kwam later wel, of helemaal niet – en toen vorige maand euforische Bulgaren met hun toeslagformulieren op televisie stonden te zwaaien, was de Kamer ineens te klein.

Duco zegt: „De hoofdvraag moet zijn, hoe heeft het zover kunnen komen?”

Nee, Duco, de hoofdvraag moet zijn, waarom laten jullie het steeds zover komen? De vraag moet zijn, waarom die vraag tegenwoordig vrijwel ieder jaar gesteld moet worden – of het nu gaat om de het financieel stelsel, de woningcorporaties of het Fyra-fiasco. De vraag moet zijn: waarom is de politiek almaar bezig de waan van vorige dag te onderzoeken?

En dan wijst de beschuldigende vinger uiteindelijk niet alleen naar semiprivate bestuurders die het te hoog in hun bol kregen, naar fraudeurs die zich aan alle controle wisten te onttrekken, naar ambtenaren die zich ondernemers waanden, maar ook naar een politiek die ieder werkelijk begrip ontbeert, die er alleen op gebrand is elk signaal uit de samenleving onmiddellijk in beleid om te zetten, ongeacht de consequenties. En aangezien er iedere dag weer andere signalen klinken, moet er steeds weer ander beleid gemaakt worden.

De komende parlementaire enquête is geen weermiddel tegen de bestuurlijke malaise. Ze is er een symptoom van.

Duco? „Het is daarom goed dat het kabinet zorgvuldig werkt aan een oplossing voor de toekomst, en het parlement haar zwaarste onderzoeksmiddel inzet om na te gaan wat hier mis is gegaan.”