Een nonchalante tuin is hard werken

Dan Pearson is de Engelse tuingoeroe van dit moment. Het Garden Museum in Londen toont de hoogtepunten uit zijn oeuvre.

Hij ontwierp tuinen voor bekende Britten, zoals modeontwerper Sir Paul Smith en culinair schrijver Nigel Slater, en hij maakte indruk met de laatste rustplaats van prinses Diana, op Althorp House. Dan Pearson luidt de naam, 46 jaar jong. Hij is de Engelse tuingoeroe van dit moment.

Pearson werd ook opgemerkt door de twee éminences grises van de Engelse tuinwereld, Beth Chatto en Christopher (Christo) Lloyd, bevriende tuineigenaren die elkaar uitgebreid schreven. In een brief van Beth aan Christo: „Ik volg Dan Pearsons tv-serie Routes Around the World. Gisteravond zag ik hem in Kyoto, Japan, en ik heb van hem genoten. Hij is heel fotogeniek en beweegt en praat gemakkelijk, maar niet te veel.”

Pearsons uiterlijk draagt zeker bij aan zijn populariteit: een mooie, tikje gereserveerde man die zijn haar- en baarddracht bijna net zo dikwijls wisselt als David Beckham. Belangrijker is de esthetiek van de tuinen die hij ontwerpt: elegant en weelderig, gedurfd, artistiek, maar nooit overmatig conceptueel.

Zintuigen

Dan Pearson vergaarde roem met vele tuinen, waaronder zijn eigen stadstuin, gelegen achter een hoog, donker Victoriaans rijtjeshuis in de wijk Peckham, Zuid-Londen. Over die tuin schreef hij columns voor The Observer, waar hij het stokje overnam van notoir voorganger Monty Don. Pearson: „Mijn ontwerpen gaan over emoties en zintuigen. Als ik de ruimte waar een tuin is gepland begrijp – en dat lukt soms in vijf minuten – kan ik ermee aan de slag.” Of zoals een journalist in The Observer eens treffend schreef: „Dankzij Dans sterke intuïtie kloppen zijn tuinen precies qua beplanting en vormgeving in de beschikbare ruimte. In al zijn projecten absorbeert hij de sfeer, die hij vertaalt in gevoel, vorm, textuur, kleur, diversiteit, uitbundigheid én beperking.”

Weliswaar creëerde Pearson in Peckham een oase, hij ontkwam er niet aan stadsgewoel en verkeerslawaai. Sinds tweeënhalf jaar woont hij buiten, in landelijk graafschap Somerset. Zijn tuin probeert hij „zachtaardig in diens natuurlijke omgeving te manipuleren, zeker niet grofstoffelijk annexeren. Een tuin maken kost tijd, veel tijd”, zei hij in The Guardian. Hij kweekt er inmiddels kruiden, groenten en bloemen, plantte een boomgaard en een hazelaarbos. „Ik werk in Londen, maar de stad lijkt hier totaal irrelevant; eerder ben ik bezig met hoe mijn hagen ervoor staan.”

Op zijn zesde jaar raakte Pearson gefascineerd door planten. Zijn ouders gunden hem een eigen border van twaalf bij drie meter bij hun cottage in Zuid-Engeland. Pearsons moeder (modeontwerpster) en vader (kunstschilder) stimuleerden hem om met zijn handen te werken en daagden hem uit zijn plannen te beargumenteren. Al op zijn tiende wist hij: ik word tuinontwerper. School vond hij een hinderlijke tijdverspilling die zijn passie blokkeerde. Hij mocht de middelbare school vervroegd verlaten en ging aan de slag bij bevriende tuiniers, nam grootschalige en langlopende onderhoudsklussen aan en volgde opleidingen in Wisley en Kew Gardens, de tuinparadepaardjes van de Royal Horticultural Society (waar niemand geloofde dat hij als zeventienjarige al zoveel prachtige tuinen op zijn naam had staan). Hij ontdekte zijn liefde voor puurheid en wilde planten, leerde kleine tuinen te maken, eeuwenoude tuinen te restaureren, maar ook op landschappelijke schaal te denken, zoals voor het Millennium Forest in Hokkaido, Japan, een ecopark van jewelste. „Dat project is me dierbaar want het gaat over écht langetermijnvisie. Mijn opdracht luidde: duizend jaar duurzaamheid scheppen!”

Onder zijn opdrachtgevers bevinden zich Italiaanse krantenmagnaten, Russische zakenlui en de gemeente Londen (Battersea Park, Millennium Dome). Zijn portfolio mag prestigieus zijn, en zijn cliëntèle soms puissant rijk, Pearson blijft er broodnuchter onder, en verfrissend realistisch: „Tuinen staan voor imperfectie, voor ontwikkeling. Ze moeten informaliteit uitstralen en niet hoeveel moeite er voor is gedaan. Accepteer dat je ze nooit volledig kunt beheersen, want tuinen maken is een proces van geven en nemen.”

Green Fuse, the Work of Dan Pearson, Garden Museum, gardenmuseum.org.uk