DDR-kunstenaar Willi Sitte op 92-jarige leeftijd overleden

Willi Sitte in 2007 in de galerie voor moderne kunst in Merseburg in Duitsland, voor een zelfportret uit 1999. Foto AP / Waltraud Grubitzsch

Willi Sitte, een van de beroemdste kunstenaars van de DDR, is overleden na een lang ziekbed in zijn woonplaats Halle. Dat liet de voorzitter van de Willi Sitte Foundation weten aan persbureau dpa, meldt persdienst Novum. Sitte is 92 jaar geworden.

Sitte was een van de belangrijkste schilders in het vroegere Oost-Duitsland. Hij schilderde vaak fabrieksarbeiders, boeren en voluptueuze naakte vrouwen. De kunstenaar stond van 1974 tot 1988 aan het hoofd van de vereniging van beeldende kunstenaars in de DDR. Behalve kunstenaar, was hij ook politicus. Hij zat onder meer in het Centraal Comité van de Socialistische Eenheidspartij.

De val van de muur was ‘een vernedering’

Sitte geloofde heilig in het socialisme. Toen de muur viel, stortte zijn wereld in, schreef Michiel Kerres eerder in een profiel in NRC Handelsblad:

“Zijn land werd opgedoekt. Zijn ideologie weggehoond. De historische omwenteling, voor velen een bevrijding, was voor Sitte een vernedering. De arbeiders, zijn arbeiders, pleegden verraad. Terwijl Oost-Duitsers jubelend over straat trokken, op weg naar een wereld met meer vrijheid en meer wasmachines, schilderde Sitte overlopers die met open ogen het kwaad tegemoet snelden.”

Als sympathisant van de DDR was Sitte na de val van de muur omstreden.

“Met de socialistische staat verdween begin jaren negentig ook de staatskunst. Het leeuwendeel van Sittes oeuvre belandde in het depot. De figuratieve werken van Sitte werden nog maar zelden vertoond. Telkens als iemand op het idee kwam om Sittes werk af te stoffen en op te hangen ontstond commotie. Sitte was fout, Sitte was out.”

Toch wordt zijn werk wel gewaardeerd. Sitte heeft een eigen museum in Mersebrug. Zijn werk moet volgens Kerres worden opgevat als méér dan alleen een sociaal realistisch eerbetoon aan de arbeider:

“In zijn beginjaren liet hij zich inspireren door Picasso en Léger, later keerde hij zich met grote, dramatische figuratieve werken tegen fascisme en geweld. Hij hekelde de oorlog in Vietnam en blikte regelmatig terug op de misdaden van het Derde Rijk. Voluptueuze naakten, vrouwen en mannen, zijn een steeds terugkerend motief.”