Voorwoord

ROKANJE- Het huis wat de familie heeft geerfd . Paula Smeehuizen-Dekker, COPYRIGHT ROBIN UTRECHT FOTOGRAFIE
ROKANJE- Het huis wat de familie heeft geerfd . Paula Smeehuizen-Dekker, COPYRIGHT ROBIN UTRECHT FOTOGRAFIE

Het is crisis, en dat kun je overal terug zien. Ook in een welvarend en vermogend land als Nederland. De belastingen gaan omhoog, de werkloosheid loopt op, mensen hebben minder te besteden en de huizenmarkt is krakend tot stilstand gekomen.

Voor Nederlanders die een familielid hebben moeten begraven, heeft dat soms nare gevolgen. Na het definitieve afscheid komt – het is onvermijdelijk – het afwikkelen van de nalatenschap. Naast koffers vol oude foto’s, kindertekeningen en andere herinneringen, zijn er geldzaken. Daar gaat deze bijlage over.

Erf je bijvoorbeeld een huis, dan komen er dilemma’s boven waar je vóór de crisis zelden over hoorde. Kun je dat huis ook verkopen? Dat is geen luxeprobleem. Een huis wordt door de fiscus gezien als vermogen, en daar moet je uiteindelijk successierechten over betalen. Ook als dat huis níét te verkopen is. Op dat moment wordt een erfenis een last.

Het is niet bekend hoe groot dit probleem precies is. Het CBS registreert alleen het totale vermogen dat wordt nagelaten, en dan ook nog met een paar jaar vertraging. Uit cijfers van het ministerie van Financiën blijkt wel dat de binnengekomen successierechten behoorlijk dalen. Haalde de overheid in 2007 nog 1,9 miljard euro binnen aan erfbelasting. In 2012 is dat teruggelopen tot 1,4 miljard – een daling van 25 procent. Dat duidt erop dat de crisis een gat heeft geslagen in het vermogen dat jaarlijks wordt nagelaten. Tussen 2005 en 2008 groeide dat vermogen gestaag naar ruim 12,5 miljard euro. Maar in de cijfers van 2009 wordt een kentering zichtbaar. Daarmee is Nederland nog geen arm land. De gemiddelde erfenis bedroeg in 2009 109.000 euro. Dat cijfer is geflatteerd door een kleine groep mensen die een hele grote erfenis ontvangt, maar toch.

Jan Meeus, chef economie