Hij wilde geen koele blondine

De nieuwste film van Regisseur Danny Boyle is de thriller Trance De hoofdrolspelers raken in hypnose, weten zelf niet meer wie ze zijn „Film wordt pas echt opwindend als er ruimte is voor surrealisme”

filmrecensent

We zijn in Londen voor Trance, de doolhofthriller van filmregisseur en -producent Danny Boyle (56). Het is weer zo’n film waarmee Boyle het zichzelf heel moeilijk maakt. Hij houdt van uitdagingen en veel te krappe budgetten, van filmprojecten die hem „met de rug tegen de muur zetten”, zegt hij. Met grotere budgetten dan 20 miljoen dollar werkt hij niet meer sinds het fiasco van The Beach, een film die hij met Hollywoodster DiCaprio in Thailand draaide. Hij klauterde uit het dal met twee no-budget televisiefilms, zombiefilm 28 Days Later, kinderfabel Millions en sf-spektakel Sunshine: films die veel goedkoper waren dan ze er uitzagen. Om na zijn triomf, Bollywoodmelodrama Slumdog Millionaire, opnieuw te kiezen voor een onmogelijke film: 127 Hours. Die speelde zich af in een nauwe canyon en beleefde zijn emotionele crescendo toen acteur James Franco zijn beknelde arm afzaagde met een bot Chinees zakmes. Als zo’n film slaagt, kun je wat.

Daarmee vergeleken is Trance bijna een eitje. In de film veranderen de drie hoofdrolspelers beurtelings van sympathiek in schurkachtig en weet je nooit waar je bent: realiteit, waan of trance? Trance is Boyles eerste film met een vrouw als spil.

Het gesprek in het Londense Soho Hotel speelt zich af in een ‘don’t mention the war’-atmosfeer: volgens de roddelpers hebben Boyle en zijn 33-jarige hoofdrolspeler Rosario Dawson onlangs hun relatie beëindigd.

Trance draait om hypnose. Bent u zelf ooit gehypnotiseerd?

„We bezochten met de hele cast een hypnotiseur, die niemand in trance kreeg. Dat lag deels aan de giechelige setting, maar slechts vijf procent van de mensen is ontvankelijk.”

In 1994 las u het scenario al. Waarom keerde u terug naar Trance?

„In de jaren negentig was het een andere film geworden, met Hugh Grant in de hoofdrol. Die was toen in beeld. Maar het script bleef in mijn achterhoofd. De uitdaging: drie mensen die iets heel anders zijn dan je denkt. Daarvoor krijg je geen groot budget, Amerikaanse studio’s vragen dan: voor wie moeten we zijn? Als dat continu verschuift, worden ze heel nerveus. Zoals in Trance. Eerst lijkt James McAvoy de klassieke held. Een grappige, slimme voice-over, hij kijkt je direct aan, dus je denkt: onze man. En dan wordt hij ook nog eens gemarteld door een Franse gangster, Vincent Cassel. Maar die verandert juist langzaam in een verliefde schooljongen. En dan Rosario: een klassieke femme fatale, of toch niet? Ik wilde geen koele blondine, want er is een pijn in haar rol, een emotie die veel rijker is dat het cynische manipuleren van kerels.”

Trance is een hersenkraker, zo’n soort thriller had u nog niet gemaakt. Wilt u alle genres een keer uitproberen?

„Nee, al wil ik wel erg graag een musical doen. Je denkt niet in genres als je met een film begint. Ik werk aan twee projecten die je ‘kostuumfilms’ kunt noemen. Omdat het verhaal me interesseert. Al doende ontdek je dan dat er ook zekere genreregels zijn.”

Klopt het dat u veel aan Trance moest veranderen na testvertoningen?

„Veel filmmakers haten testvertoningen, ik ben er dol op. Je krijgt zelden zo’n pure respons. Ik leer vooral van het ritme van de zaal. Dan merk je dat je informatie te snel of juist te langzaam brengt. In Trance val ik als altijd met de deur in huis. Boem! Overdonder ze! Ik kan dat niet laten. Maar daarna moet het publiek nogal aan het werk. We hebben de film drie keer in Amerika getest. Dat kost elke keer 40.000 dollar, maar in Amerika zijn ze altijd bloednerveus en testen ze films tot je bijna smeekt: gaat hij nou in godsnaam eens in roulatie? Een Amerikaans testpubliek begrijpt films iets beter, ze eten, drinken en ademen daar film.”

Bent u zelf geen halve Amerikaan?

„Als Brit heb ik soms last van de traditie van kitchen sink realism. Ik wil realisme opblazen en uitrekken zodat het niet neuriet, maar in zingen uitbarst. Ik film in de echte wereld, maar dan duikt iemand opeens in de ergste toiletpot van Schotland. Film wordt pas echt opwindend als er ruimte is voor surrealisme.”