Buurtteams centraal in Utrechtse jeugdzorg

Utrecht presenteerde na Amsterdam gisteren een plan voor de jeugdzorg. De stad wil aan versnippering een einde maken.

De gemeente Utrecht wil dat vanaf 2015 veertig tot vijftig buurtteams de ingang gaan vormen tot de jeugdzorg in de stad. Gezinnen die jeugdzorg nodig hebben, krijgen één aanspreekpunt in het buurtteam.

Dit plan presenteerden de Utrechtse wethouders Victor Everhardt (volksgezondheid, D66) en Hans Spigt (jeugd, PvdA) deze week. De contactpersoon van het buurtteam zal volgens de wethouders in eerste instantie „koersen op de zelfredzaamheid in een gezin door het eigen netwerk in te schakelen”. Mocht dat niet voldoende zijn, dan schakelt de contactpersoon professionele hulp in. Als de situatie in een gezin gevaarlijk wordt, waarschuwt het buurtteam de Raad voor de Kinderbescherming. De nieuwe opzet moet een einde maken aan het huidige „complexe en versnipperde aanbod in de Utrechtse jeugdzorg”.

Vanaf 2015 komt jeugdzorg in handen van gemeenten. Het Rijk verdeelt daarvoor 3,3 miljard euro onder de gemeenten. Utrecht zou volgens de eerste ramingen circa 58 miljoen euro krijgen, een budgetvermindering van ongeveer 15 procent. In Utrecht krijgen tussen de zes- en zevenduizend kinderen jaarlijks te maken met jeugdzorg. Dat is zo’n 10 procent van alle inwoners tot achttien jaar.

Everhardt vergelijkt de nieuwe buurtteams met de relatie tussen patiënt, huisarts en ziekenhuis. De huisarts als aanspreekpunt, die waar nodig doorverwijst. Zowel Everhardt als Spigt erkent dat veel verantwoordelijkheid komt te liggen bij de contactpersoon in het gezin. Deze moet uiteenlopende beslissingen nemen: welke hulp moet ingeschakeld worden voor de opvoedproblemen van een meervoudig gehandicapt kind?; loopt een kind gevaar als ouders in een vechtscheiding verwikkeld zijn? wanneer moet de Raad voor de Kinderbescherming verzocht worden onderzoek te starten?

Spigt: „Deze mensen hebben een zware verantwoordelijkheid, maar daar worden ze voor opgeleid. Als het nodig is, schakelen ze hulp in van gespecialiseerde professionals.”

De afgelopen jaren is in de wijken Overvecht en Ondiep geëxperimenteerd met de buurtteams, die bestaan uit medewerkers van diverse zorginstellingen, zoals geestelijke gezondheidszorg en jeugdzorg. Uit een evaluatierapport van het Verwey Jonker Instituut blijkt dat de buurtteams „goedkoper en effectiever” werken dan de huidige, versnipperde hulpverlening. De Utrechtse gemeenteraad stemt in juli over de plannen.

Onlangs maakte ook Amsterdam de plannen bekend voor de hervorming van de jeugdzorg vanaf 2015. Die stad wil eveneens dat „lichte gevallen” zoveel mogelijk opgelost worden door de gezinnen zelf, met hulp van familie, buren en vrienden. Amsterdam wil de toegang tot jeugdzorg organiseren via 500 ouder-kindadviseurs, die moeten werken vanuit 21 wijken. Zij worden, net als de buurtwerkers in Utrechter, verantwoordelijk voor de inschatting of het gezin zware specialistische hulp nodig heeft of in lichtere gevallen zelf aan oplossingen kan werken.