Ach, de publieke omroep

Voor wie zich echt over niets meer druk hoeft te maken is er altijd nog de publieke omroep. Dezer dagen woedt een strobrandje over de recente verrijking van het Radio 1-Journaal met muziek. Dit vanuit de overtuiging dat ‘de mensen dit willen’.

Maar wat wil de ontbijtmens of de autoforens van nieuwsradio? Goed onderzocht is het niet, liet de factchecker van nrc.next gisteren zien. Zij die géén muziek willen, laten zich nu horen. In de media proberen publieke omroepbestuurders daarop uitleg te geven. En dan gaat het al gauw mis.

Het krachtenveld waarin deze functionarissen werken is van zo’n treurig gehalte dat irritatie al gauw plaatsmaakt voor mededogen. Ach ja, de publieke omroep, naar vaderlands model. Dat curieuze amalgaam van publiek-private organisaties die elkaar op de Hilversumse vierkante kilometer de tent uitvechten. Deels in existentiële nood door grote bezuinigingsdruk.

Dezer dagen werd het Radioplan 2014 vastgesteld, resultaat van maandenlange kantoormanoeuvres waarover de verantwoordelijke manager achteraf tevreden vaststelde dat hij ‘alles had voorgekookt’. De zender moet minder versnipperd ogen, herkenbaarder en vooral goedkoper worden. De drie nieuwe grote fusieomroepen zullen dan ‘langere blokken’ krijgen en zich kunnen profileren. De gedachte is dat dit helpt, dat de burger dat ook wil, dat het nuttig is en zelfs een doel dient.

Gewaardeerde radioprogramma’s verdwijnen, zoals Brands met boeken en het nachtelijke Casa Luna. De publieke omroep maakt een doorstart, met nieuwe afkortingen en nieuwe grenzen. Om die dan weer te markeren, met eigen profielen, nieuwe logo’s en nieuwe ledencampagnes. En vast ook nieuwe formats of ambities.

De publieke omroep 2.0 zal dus sprekend lijken op de huidige, maar dan met minder omroepen en minder geld. De onderlinge spelletjes met publiek geld gaan gewoon door. De fictie van de netidentiteiten vast en zeker ook. Nederland 3 als ‘jong net’ bijvoorbeeld, voor kijkers tussen 20 en 34. Buiten Hilversum is dat verder niemand opgevallen, zeker geen jongere. Maar in de besloten binnenwereld van de publieke omroep is en blijft het belangrijk. Ook een doodlopende weg kan nog heel lang zijn, zo blijkt.

Dit is uiteraard geen wenkend perspectief. De omroepverenigingen zijn zelf niet in staat om zich op te heffen. Voor hen is de (huidige) publieke omroep een doel op zich. Logische samenwerkingsverbanden als Nieuwsuur of Sportzomer zullen in dit moeras altijd uitzonderingen blijven.

Ach, was er maar eens een kabinet dat Hilversum bij elkaar durfde te vegen en grondig herzag. Maar dan echt. (Muziek! )