Rehn verraste landen met coulance

Eurocommissaris Rehn moet de begrotingsregels handhaven, maar hij heeft ook oog voor de sociale gevolgen.

Gisteren heeft eurocommissaris Olli Rehn zeven Europese landen, in plaats van sancties, extra tijd gegeven om hun begrotingstekort te verminderen. Nederland, waar het tekort in 2013 onder de 3 procent van het bbp had moeten uitkomen, zit daar ook bij. In veel landen wordt de indruk gewekt dat de regeringen Rehn, de Grootinquisiteur van de eurozone, met politieke druk op andere gedachten hebben gebracht. Toch is het anders gegaan.

Rehn ziet al langer dat veel landen zich al jaren zo diep in het vlees snijden dat het onverantwoord wordt daarmee door te gaan. Hij gebruikt het woord ‘austerity’ al een jaar niet meer – per email is het personeel van de Europese Commissie vorige zomer al verboden om dit woord te gebruiken. Bij elk openbaar optreden praat Rehn over sociale offers die burgers brengen en de ongelooflijke inspanningen die landen als Spanje zich hebben getroost.

Dat hij Frankrijk twee jaar extra heeft gegeven, kwam in Parijs als een volslagen verrassing: de Franse regering had daar niet om gevraagd. Ze wist aanvankelijk niet eens of ze het als goed of slecht signaal moest opvatten. Ook Nederland had Rehn niet gevraagd om uitstel – Nederland is als voorvechter van automatische sancties te trots om daarvoor in Brussel te bedelen. Als er één ding is waar Rehn zich zorgen over maakt, dan is het dat de Commissie in Europa de reputatie krijgt de verzorgingsstaat af te breken.

Nationale regeringen kennen die bezorgdheid heel goed. Olli Rehn voert een constante dialoog met hen, om te zien hoe hun landen er economisch en financieel voor staan. Voor iedereen heeft hij andere adviezen en waarschuwingen, zoals uit de individuele rapporten blijkt die hij gisteren publiceerde. De één moet de huizenmarkt aanpakken, de ander lonen verhogen, een derde de pensioenen hervormen.

Rehn wil niet dat ze doorgaan met bruut snijden en saneren. Daarom kreeg Spanje, ondanks tegenvallende resultaten dit jaar, twee jaar respijt: een kale kip kun je niet plukken. Daarom blijft Rehn Duitse burgers oproepen om meer, niet minder, uit te geven. Iedereen kan dit in zijn rapporten teruglezen.

Maar nationale politici geven hun burgers het beeld dat Rehn inflexibel is. Nederland wordt in Europa gezien als één van de ayatollahs van de 3 procent: met Duitsland en Finland heeft de regering er een paar jaar geleden het hardst op aangedrongen dat je bijna automatisch sancties kreeg als je die overschreed. De bewaking van deze rigide regels gaven zij aan ‘supercommissaris’ Rehn. Nu Nederland er zelf last van krijgt, is het Rehn die vaak het verwijt krijgt inflexibel te zijn. De Belgische premier Di Rupo klaagt zo hard over bezuinigingen die hij niet uitvoert, dat veel Belgen denken dat de crisis de schuld is van Olli Rehn.

De Luxemburgse premier Juncker zei ooit dat ,,regeringen in eigen land altijd net doen alsof ze van Europa gewonnen hebben.’’ Hij zei erbij dat politici best weten wat hen te doen staat, behalve dat ze dan de volgende verkiezingen niet winnen. Geheel in die geest bedankte de Franse president Hollande, wiens land aan sancties ontsnapte in ruil voor de belofte dat hij eindelijk zijn land hervormt, Rehn gisteren met de woorden: ,,Brussel kan ons geen economische politiek dicteren’’.