Toen de Free Record Shop er nog toe deed

Een filiaal van Free Record Shop in 2000. Foto ANP / Koen Suyk

Vaak stond de klant onwennig voor de kassa een liedje te zingen. nrc.nl-redacteur Peter Zantingh werkte jaren bij de inmiddels failliete Free Record Shop. Een herinnering.

Op een zaterdag in februari 2004 sloot ik ’s middags voor het laatst de deuren van de Free Record Shop op het station in Haarlem. Eerst had ik de blauwe bakken met cd’s, die we altijd tegen de muren van de stationshal zetten, naar binnen gereden. De lege doosjes (want de schijfjes zelf stonden in de kast achter de balie) rammelden door het rek en dat echode door de hal.

Binnen telde ik de dagomzet na. Geen kassaverschil. Er rolde een lange bon met alle totalen uit de printer. Die deed ik in een envelop met het adres van het hoofdkantoor erop. Ik deed de muziek uit, zette het alarm aan, stapte naar buiten en drukte toen de dikke, hoge, houten deuren achter me dicht.

Tegenwoordig kun je er döner kopen.

Van die muziekkiosken was er tot die dag op elk groot station van Nederland wel een geweest. En toen ik in het najaar van 2000 bij Free Record Shop begon, op die twintig vierkante meter onder spoor 5, leek nog bijna elke nieuwe ontwikkeling in het voordeel van de Free Record Shop uit te pakken. De VHS werd opgevolgd door de dvd – dunnere doosjes, dus we konden er meer kwijt – en onze klanten begonnen hun collectie te vervangen door die nieuwere, betere dragers. De games werden een miljoenenbranche, muziekdvd’s werden populair. We verkochten mobiele telefoontjes en beltegoed van alle providers. Er liep een actie met Coca-Cola waarbij je kon sparen voor de eerste mp3-speler die ik zag, met 64mb opslagruimte.

Een taart voor elke failliete concurrent

Natuurlijk, er werden toen al minder cd’s verkocht, maar de groeiende populariteit van de andere producten trok dat met gemak recht. Er kwamen nog steeds nieuwe winkels bij, terwijl de kleinere ketens en de zelfstandigen omvielen. Hun klanten zouden de volgende keer naar de Free lopen. Als je een foto opstuurde van het gesloten pand van een failliete concurrent, kreeg je een taart van het hoofdkantoor.

De medewerkers van de Free Record Shop werden in de jaren zeventig steevast ‘forellen’ genoemd, omdat ze tegen de stroom inzwommen. De dingen anders deden, mogelijkheden zagen waar anderen pessimistisch waren. Sinds het begin van de jaren negentig, toen iedereen in een lastige tijd gezamenlijk over kostenbesparing had nagedacht, waren ze ‘samenwerkers’. De Free Record Shop had voortaan geen personeel, maar samenwerkers. Met een gele samenwerkerspas (twintig procent personeelskorting) en eens per jaar een groot feest. Met tientallen bussen werden we vanuit alle hoeken van het land naar één locatie gereden, waar bands optraden en eten en drinken in overvloed was.

Met Kerst kregen we eens allemaal een dvd-speler.

Daar ging het me niet om, want het mooiste was het om klanten te helpen. Er kwam eens een meisje de winkel binnenrennen met een discman in haar handen. Ze moest een lange reis maken, maar had geen goede muziek bij zich. Ik gaf haar Pergola van Johan in handen. De volgende dag stond ze naar me te zwaaien op de drempel van de winkel – “Bedankt, ik vind het geweldig!”

Vaak hadden mensen ergens een liedje gehoord, op de radio, in een commercial of bij Barend & Van Dorp, maar wisten ze niet hoe het heette of wie het zong. Met die mensen liep je mee, en dan gaf je het ze in handen. Dat was de standaard service, maar ook een duidelijke verkoopinstructie aan het personeel: mensen kopen sneller iets als ze het al in handen hebben.

Of er stond een klant voor je kassa te zingen. Onzeker, onwennig, om een melodietje uit de herinnering op te diepen. Maar ze moesten het weten, wat het was. De Shazam-app was er nog niet.

Herkent u het? Heeft u het?

Hoe ik de spanning van zo’n lichaam zag glijden als we het inderdaad hadden.

Angstig voor de volgende klap

Het ging gaandeweg slechter. Er werd gedownload. Niet alleen muziek, maar ook films en games. Ons hele assortiment was plotseling slachtoffer. We leverden in de breedte in: Sigur Rós en Tom McRae verdwenen, Jan Smit en André Rieu bleven staan - daar was nog steeds een publiek voor. Het hoekje met de singletjes werd steeds kleiner, leek ineen te duiken, angstig voor de volgende klap. Het jaarfeest ging niet door, een kerstpakket kregen we niet.

En dus drukte ik in februari 2004 de deuren van de kiosk in Haarlem dicht.

Ik werkte nog anderhalf jaar voor andere filialen. Ik heb nooit meegemaakt dat we internet kregen op onze kassacomputer. Het bleef een ms-dos-achtig programma met twaalf functies onder de F-toetsen.

En ik heb nooit een klant gesproken die op onze site voor 1,30 euro een liedje had gedownload. Er waren wel mensen, soms, die iets kwamen luisteren bij de luisterbalie en daarna eerlijk zeiden dat ze het ‘wel even zouden downloaden’. Anderen zeiden dat niet, zij legden de koptelefoon neer en liepen weg zonder een woord. Weer anderen kwamen gewoon niet meer.

Op het station van Haarlem kwam eens in de zoveel minuten boven onze hoofden een trein het station binnenrijden. Er was eens een vrouw die op zo’n moment angstig naar boven keek. In de verte kwam een trein aan, als naderend onweer. De plafondplaten trilden en de kasten rammelden. Het gevaar kwam dichterbij. Ze keek me aan.

Ze zei: “Je weet dat het een keer misgaat, hè?”

Dit stuk werd gepubliceerd op 23 mei 2013, toen Free Record Shop het faillissement aanvroeg. Er kwam een doorstart, waarna op 22 april 2014 het doek definitief viel voor alle Nederlandse winkels van de entertainmentketen.