Oinkbeest

‘Wij waren heel gewone, maar betere mensen”, zei documentairemaakster Suzanne Raes over haar linkse jarenzeventigjeugd in een nieuwbouwwijk in Nijmegen. Ze maakte de film De mooiste jongen van de klas en wij over die tijd, maandag uitgezonden door de VPRO. Raes is een jaar jonger dan ik en wat ze met verbluffende precisie verwoordde, was mijn eigen jeugd.

En nu heeft Jan Pronk dus zijn lidmaatschap op de PvdA opgezegd. Jan Pronk, de beste der betere mensen.

Bij Jan Pronk denk ik aan het Het Oinkbeest. Linkse kinderen van toen veren al op. Voor anderen: Het Oinkbeest was de titel van een langspeelplaat die we allemaal hadden. Gemaakt door Elly en Rikkert: twee dekselse hippies, voordat ze in de Heere raakten. Het Oinkbeest is een verhaal op ukelele en mondharp, over een vreemdsoortig dier dat als een soort asielzoeker avant la lettre uit de lucht valt in een bos. Het „empathische elfje Zelfje” ontfermt zich over hem en gaat met een paar alternatieve kabouters de strijd aan met doodenge wezens die alles en iedereen bedreigen. Zij heten de Sistemen.

De Sistemen, hoort u wel? Sy-ste-men? „De Sistemen, Sistemen, Sistemen! Ze zullen je pakken, ze zullen je némen!” Huiverend lagen wij linkse kindertjes dag in dag uit onder de pick-up naar hun gesis te luisteren.

Niet voor niets zit de muziek uit Het Oinkbeest ook in de documentaire van Raes: zo werden wij gekneed tot heel gewone, maar betere mensen. Dus vandaag zetten ukelele en mondharp nog één keer melancholiek in: voor Jan Pronk, die de PvdA verlaat. Dit om redenen die ik begrijp. Dus waarom wil ik dan mijn zowat aangeboren lidmaatschap van Jan Pronk opzeggen?

Pronk geeft het antwoord zelf het beste, in zijn afscheidsbrief: „…de echte pijn van het verzaken van solidariteit wordt niet gevoeld door degenen die beslissingen nemen, maar door de mensen die de gevolgen moeten ondergaan.”

Mooi gezegd, maar je kunt dit ook op de Partij van de Arbeid zelf betrekken. Want wie verzaakt nu wat? Verzaakt Diederik Samsom, die op zijn manier menswaardigheid bijeen sprokkelt in het asielbeleid? Niet mijn route, en soms ondoorgrondelijk. Maar is het daarom ook meteen fóute politiek? Verzaakt Hans Spekman, de partijvoorzitter die zich al in stilte inspande voor illegalen toen dat nog niet in de mode was? Verzaken al die leden die zich avonden lang in zaaltjes het hoofd blijven breken?

Ik denk het niet. De sociaal-democratie is namelijk niet voorbij. Wat voorbij is, dat is de tijd van de betere mensen. Wat rest zijn gewone mensen, die net als Jan Pronk proberen iets op te lossen: gewone mensen, gevangen in systemen.