Dood na een ‘niet zo heftige’ vechtpartij

Vandaag begint het proces naar aanleiding van de dood van Richard Nieuwenhuizen De mishandeling was machogedrag, zegt een van de advocaten „Ze hebben hem niet opzettelijk doodgemaakt”

Een stille tocht in Almere, na de dood van grensrechter Richard Nieuwenhuizen. foto Olivier Middendorp

verslaggever

Vandaag begint in Lelystad de inhoudelijke behandeling van de grensrechterzaak. Zeven jongens van 16 en 17 jaar oud en één vader worden verdacht van betrokkenheid bij de ernstige mishandeling van de Almeerse grensrechter Richard Nieuwenhuizen. Die werd in december vorig jaar na een wedstrijd tussen jeugdelftallen van Buitenboys en het Amsterdamse Nieuw Sloten geschopt en geslagen door spelers van de bezoekende club. De dag erop overleed hij.

De enige die heeft verklaard de grensrechter te hebben geschopt, is de 16-jarige Yassine. Hij werd de ochtend na het incident gearresteerd, ruim een week later werd zijn vader opgepakt. Hun wordt openlijke geweldpleging en doodslag ten laste gelegd. Alle acht verdachten hebben eigen advocaten, sommigen hebben er twee. Sander Janssen verdedigt Yassine.

Hoe verloopt het contact met de andere advocaten in deze zaak?

Janssen: „Met sommige advocaten heb je meer contact dan met andere. Soms beschuldigt de ene jongen de andere jongen. Dan heb je tegenstrijdige belangen.”

Zijn er ook gemeenschappelijke belangen?

„Heel duidelijk: de zaak moet niet groter gemaakt worden dan ie is. Het is heel erg dat een man is overleden, mogelijk aan de gevolgen van een vechtpartij. Het is heel erg dat er een vechtpartij op een voetbalveld plaatsvindt. Maar hou op met ‘beestachtige mishandeling’ en dat soort kul op te schrijven.”

Tijdens de regiezitting eind maart bleek dat de rechters een reconstructie van het incident onmogelijk achtten. Er waren te veel tegenstrijdige scenario’s om de gebeurtenissen te kunnen naspelen. Ook het gebruik van 3D-foto’s, om de afstanden tussen verdachten en het slachtoffer in te schatten, bleek technisch niet haalbaar. Wel zijn inmiddels drie rapporten verschenen over de oorzaak van het letsel van Richard Nieuwenhuizen. Advocaat Janssen: „Hij had zulk uitzonderlijk letsel, een klein scheurtje in het binnenste buisje van zijn slagader, dat het bijzonder is dat hij is overleden na zo’n kortdurende en niet zo heftige vechtpartij.”

Het Openbaar Ministerie vond het wel een heftige vechtpartij.

„De gevolgen zijn heel erg. Maar kijk naar de vechtpartij zelf: het aantal betrokken mensen, de duur van de vechtpartij – enkele tientallen seconden met stukken ertussen dat er niets gebeurde – en het feit dat het gaat om jonge, lichte jongens die niet hard geschopt hebben. Als je, zoals het OM beweert, met een voetbalschoen vol op iemands gezicht trapt, laat je daar sporen van achter. En die had Nieuwenhuizen niet.”

Er zijn wel DNA-sporen op voetbalschoenen gevonden.

„Ja, heel vaag. Maar die heb je snel: als je iemand die bezweet is met je voet aanraakt, heb je al DNA-materiaal. Er is geen bloed gevonden ofzo.”

Van wie zijn die voetbalschoenen?

„Eén verdachte had DNA-sporen op zijn schoenen. Niet mijn cliënt.”

Het OM vindt dat de jongens veroordeeld moeten worden voor doodslag omdat „als je door blijft trappen terwijl iemand al op de grond ligt, je het risico aanvaardt dat iemand overlijdt”.

„Daar ben ik het niet mee eens. Het trappen tegen een persoon die op de grond ligt, is niet zo ernstig dat je kunt zeggen dat iemand bezig is die persoon dood te maken.

„De jongens hebben hem niet opzettelijk doodgemaakt. Ze hebben hem wel opzettelijk mishandeld. Dáár moeten ze een straf voor krijgen. Dat lijkt muggenzifterij, maar dat maakt wel uit voor de rest van het leven van zo’n jongen.”

Uw cliënt zegt dat hij één keer tegen de schouder van de grensrechter heeft geschopt. Heeft hij nog iets anders gedaan?

„Nee. Hij heeft verklaard in het begin van het gevecht één keer te hebben geschopt. Daarna is hij weggerend.”

Waar naartoe?

„Hij is van het veld gerend, omdat hij dacht dat er een grote blanke man achter hem aankwam, één van de Almeerders. Toen heeft hij uit een bosje een stok gepakt. Daar is hij niet ver mee gekomen: toen iedereen van het veld kwam heeft hij de stok weggegooid.”

Wat was hij plan met die stok?

„Goede vraag.”

Gekke reflex om een stok te gaan halen.

„Ja, inderdaad. Ik vind het ook een gekke reflex om iemand te schoppen.”

Wat voor jongen is Yassine?

„Een Marokkaans gastje uit Amsterdam-West dat wel opgefokt kan reageren. Dat geldt voor die andere jongetjes ook. Als je ze de rechtszaal binnen ziet komen straalt daar de bravoure vanaf.”

Wat bedoelt u daarmee?

„Misschien is bravoure het verkeerde woord. Het is ook een beetje onzekerheid. Het is gewoon een bepaald type machogedrag.”

Bedoelt u dat ze trots zijn op wat ze hebben gedaan?

„Nee, daar geloof ik niets van. Yassine zeker niet.”

Yassine zei tijdens de regiezitting tegen de rechtbank: ‘Ik weet genoeg. Ik heb gezien hoe jullie werken.’ Wat bedoelde hij daarmee?

„Hij had er geen vertrouwen in dat iemand die dag vrijgelaten zou worden. Dat bedoelde hij te zeggen, maar dan op een bozige, onhandige manier. Het was een lange dag, dat is heftig voor dit soort jongens.”

Wat vindt hij ervan dat zijn vader vastzit?

„Erg. Omdat hij daardoor geen contact kan hebben met zijn vader. Hij vindt het ook erg voor zijn moeder en de rest van de familie. En hij denkt dat zijn vader niets gedaan heeft. ”

U gaat daar niet vanuit?

„Jawel, maar of het echt zo is, weet ik natuurlijk niet. Sommige advocaten beweren altijd dat hun cliënt de waarheid zegt. Ik doe dat niet, omdat ik het niet weet. Ik was er niet bij.”

De telefoon van Janssen gaat. Het is de zoveelste keer tijdens het interview. „Godallemachtig.” Hij pakt zijn telefoon op van tafel. „Geert-Iem Roos.” Roos is de advocaat van een andere minderjarige verdachte in deze zaak. Waarover hij belt wil Janssen niet zeggen.

Jullie hebben tegengestelde belangen.

„Dat klopt. Ik hem een keer gebeld na een tv-uitzending waar hij over mijn cliënt begon. Ik zei: ‘Luister, beste Geert-Iem Roos, dat is natuurlijk niet cool.’ Toen hebben we het daarover gehad en toen was het klaar. Wat dat betreft zijn wij advocaten natuurlijk ook wel mannetjes.”